En dan krijgt je leven een heel andere wending

Ervaringsverhaal van Steef,
35 jaar,
14 jaar toen ze haar vader verloor
als gevolg van ziekte.

Diagnose ‘verlate rouw’

k kan me nog goed het gesprek herinneren waarin ik de diagnose ‘verlate rouw’ kreeg. Achteraf gezien was dat het einde van het ontkennen, het begin van een nieuwe start.
Ondanks dat ik in oktober 2013 de definitieve diagnose ‘verlate rouw’ kreeg, was daarvoor al het één en ander gaan rollen. Al besefte ik mij toen nog niet dat het overlijden van mijn vader zo veel invloed op mijn leven kon hebben. Ik weet nog heel goed het moment dat ik met een vriendin zat te eten bij een strandtent in Zandvoort, we waren op Surfcamp. Even spraken we over het verlies van een ouder, maar ergens bleef er bij mij een muurtje.
Pff, zo van: ‘Ik heb er geen last van’.

Verlaat Verdriet (Ver)Werkboek

Na de diagnose leek mijn wereld op z’n kop te staan. Langzaam ging ik meer en meer accepteren dat ik het verlies van mijn vader niet had verwerkt. Ik ben veel gaan lezen en uiteindelijk kwam ik bij het Verlaat Verdriet (Ver)Werkboek, van Titia Liese, uit en de bijbehorende website.
Het was alsof ik ineens begrepen werd. Dingen die ik jarenlang niet heb kunnen plaatsen kregen een plek.
Vraagtekens kregen woorden.
Zo maf allemaal, maar het was de waarheid.

Vraag en antwoord

Gelukkig kon ik met al mijn vragen bij de GGZ terecht. Het frappantste was, dat ik regelmatig in mijn vraag het antwoord al zette. Ik kon mijn vinger er op leggen, maar ‘het’ niet vastpakken. Ondertussen maakte ik de opdrachten uit het Verlaat Verdriet (Ver)Werkboek.
Soms snapte ik niet direct de link tussen een opdracht en mezelf; met terugwerkende kracht werd dit me steeds duidelijker. Ik kwam er in de zoektocht naar mijn verleden achter dat ik niet alleen op zoek ben naar mijn vader, maar ook op zoek ben naar mezelf.

Waarom kan ik zo plotsklaps veranderen?
Waarom gaat iets weken goed en dan is het weer mis?
Waarom kan ik anderen zo slecht vertrouwen?
Waarom voel ik me zo anders als anderen?
En zo had ik nog vele vragen.

Boekwerk

De opdracht van het maken van een Levensloop uit het Verlaat Verdriet (Ver)Werkboek werd iets uitgebreider dan in eerste instantie de bedoeling was.
Ik zocht in fotoalbums, dia’s werden omgezet naar een foto.
Klassenfoto’s, diploma’s, certificaten en getuigschriften werden de basis van mijn levensloop.
Totdat het zo veel was geworden, en zo onoverzichtelijk, dat ik door de bomen het bos niet meer zag. Het duurde even, maar nadat ik blokken van 5 jaar maakte, verspreid door mijn hele kamer, kwam er weer wat overzicht bij het uitzoeken.
Door alles te digitaliseren werd het een mooi boekwerk dat ik nog steeds aanvul. Zo krijgt mijn leven voor mijn 15e levensjaar weer inhoud, maar ook daarna. Het was prettig mijn jeugd ‘terug te hebben’.

Meer reacties

Toch bleven er vele vragen over. In het spoor van het Verlaat Verdriet (Ver)Werkboek voelde ik de zoektocht naar mijn vader al komen, al was ik nog helemaal niet bij dat hoofdstuk. Rond de feestdagen kwam hier verandering in, toen ik een vriendin van mijn moeder, die ik al mijn hele leven ken, een kerstwens per e-mail stuurde en vertelde hoe het met mij ging. Het was net een sneeuwbal die vervolgens bleef rollen, steeds groter werd en af en toe ineens van richting veranderde.
Het was overweldigend hoe mensen reageerden op de vragen die ik per e-mail gesteld had aan familie, vrienden en collega’s van mijn vader. Sommige waren zo verbaasd, andere verbaasde het niets dat ik hier nu mee bezig ben. De antwoorden die ik kreeg waren zo warm en lief, ik had dat totaal niet verwacht. Het heeft een lange tijd geduurd voordat ik met al die antwoorden en verhalen iets kon. Tot eind februari het moment daar was en ik alle antwoorden bij elkaar heb gevoegd en er een mooi lopend verhaal van heb kunnen maken.
Niet alleen mijn jeugd had ik terug, maar ook mijn vader. Hij kreeg steeds meer inhoud en ik ging me beseffen wat voor een bijzondere man hij is.

Mijn vader

Een bijzonder moment, begin februari, was het bezoek aan Machine fabriek Kasteel, de werkgever van mijn vader. Op het moment dat ik binnen stapte was mijn eerste gedachte ‘het ruikt hier nog net zo als vroeger’. Boven aangekomen bleek er veel veranderd te zijn, maar ik herkende nog het één en ander.
Het bijna 1,5 uur durend gesprek dat ik met de heer Kasteel, nu directeur, had was zo fantastisch, ondanks dat ik er tegenop zag. Er werd over mijn vader verteld alsof hij weer levend werd gemaakt. Met zoveel liefde, warmte en humor werd verteld hoe mijn vader was. De anekdotes bleven maar komen en de één nog leuker dan de ander.
Veel stof om te verwerken, maar het voelde zo goed. Ondertussen sloot het naadloos aan bij de informatie die ik van zijn andere collega’s, familie en vrienden ontving. Iets wat niet snel te vergeten is, was de eerste reactie toen ze mij zagen: ‘Jeetje, jij lijkt op je vader zeg’. Er kwam steeds meer verbondenheid met mijn vader.
Zo veel mooie herinneringen, foto’s en anekdotes vond ik zonde om niets mee te doen. Een deel van mijn website heb ik aan hem geschonken. Prachtig hoe alles in elkaar paste, alsof iemand dit van tevoren voor mij had uitgestippeld.

Na de wintervakantie, waar ik geëerd ben voor 35 jaar Ehrwald, had ik een gesprek met de zus van mijn vader. Ik wist inmiddels het één en ander van hem, maar niets uit zijn jeugd. De zoektocht naar mijn vader zijn jeugd liep synchroon met het hoofdstuk waar ik intussen was beland uit het Verlaat Verdriet (Ver)Werkboek. Het was fijn om zijn jeugd nu te kunnen plaatsen. Ik was heel blij met de foto’s die mij werden toegestuurd. Vooral die mijn vader heeft gemaakt. Herkenbare kaders waaruit ze genomen zijn, zouden zo die van mij kunnen zijn. Naast jeugdfoto’s kwamen er tevens leuke zwart-wit foto’s tevoorschijn van mijn vader zijn ouders, zijn grootouders en overgrootouders. Via informatie van een neef kregen deze mensen ook inhoud.

Mijn wens

In april veranderde het een en ander. Ik startte met Creatieve Therapie en degene die mij begeleidde in het proces ging met pensioen. Gelukkig had ik mij hier al lang op voor kunnen bereiden en de overgang naar een nieuw persoon verliep niet al te moeilijk. Vooral Creatieve Therapie heeft veel in beweging gezet, al is mijn wens al veel eerder uitgesproken.
De eerste twee keer was lastig. Ik wist nauwelijks wat ik er van moest verwachten, maar het deed toch wel iets. Eind april sprak ik mijn wens nogmaals uit in een zeer emotioneel gesprek. Ze kon woorden geven aan ongrijpbare gedachten en verlangens, het smolt zo mooi samen.

Mijn vader bezoeken in het Kaunertal in Oostenrijk. Hij is er dan wel niet meer, maar zijn as hebben we daar wel verstrooid. Voor mij is hij daar. Mijn vader heeft ooit tegen mijn moeder gezegd dat hij het Kaunertal het mooiste plekje van de wereld vond. Mijn moeder gunde hem dit en zo werd het zijn laatste rustplaats.
Ik mis een plek waar ik naar toe kan gaan als ik hem mis. De één gaat naar een begraafplaats, de ander naar een urnenwand of heeft een pot op de kachel staan. Ik heb niets.

En dan ineens krijgt je leven een heel andere wending

In een week kan je je leven totaal op zijn kop gezet worden en krijgt je leven ineens een hele andere wending. Letterlijk van idee tot uitwerking.
Je krijgt een idee wat je wil maken voor hem, een beeld. Je gaat op zoek naar materiaal dat bestemd is voor weer en wind en ondertussen deed ik navraag of het echt zo was.
Dan realiseer je je dat je 2 dagen vrij bent en met logische gedachten kun je er een week van maken.
Je vraagt hals over kop aan je collega’s in het weekeinde of zij plannen hebben die dagen en voordat ik een definitief antwoord van hun had, kreeg ik een aanbod voor een appartement in Ehrwald dat ik eigenlijk helemaal niet wilde hebben, maar dat al vol zat. Voor een leuke prijs kon ik het appartement huren waar we altijd zitten. Twee wegen kruisen elkaar en op goed geluk stonden de antwoorden samen op de ‘groene stip’. Toen pas realiseerde ik mij dat mijn wens uit zou gaan  komen, steeds meer realiteit zou gaan worden.

Beeld

Naast het regelen van vrij op mijn werk en een slaapadres denderde de trein verder. Want wat zou het toch mooi zijn als op het beeldje dat ik wil maken van Sculpture Blok een metalen plaatje komt dat bij de werkgever van mijn vader vandaan zou komen.
Deze wens kwam binnen een week uit en de tranen rolden over mijn wangen toen ik las ‘het plaatje krijg je van ons’. Zo onwerkelijk en zo ontzettend lief.
Een week later bij creatieve therapie (06/55/2014): daar zat ik dan met een beige blok voor m’n neus en een mal van het beeld dat ik wil maken. Precies op maat, getekend met potlood en liniaal. Ook ik heb waarschijnlijk een pleurishekel aan inkt, net als mijn vader. Tijdens het maken van de mal heb ik vaak aan hem gedacht.

Ik legde ook eerst alles klaar, vanuit keurig gesorteerde bakjes, voordat ik daadwerkelijk begon. De verzamelde spullen die ik nodig dacht te hebben kwamen ook uit een bak, keurig gesorteerd, alles bij elkaar.
Ik heb de mal op het blok gezet en wilde het daar voor die dag nog even bij houden. De sneltrein van afgelopen week moet weer een stoptrein worden, die met liefde en vol aandacht kan werken aan deze prachtige droom.

Voor mijn moeder, voor mij en voor mijn vader

Mijn moeder heeft een bankje met een bordje in het Lärchenwald.
Ik heb een bankje met een bordje in het Moos.
Nu krijgt mijn vader een beeldje met een bordje op de Gletsjer.
En zo komen we alle drie weer samen, maar allen zo alleen.

Inspiratiebron

Verlaat Verdriet (Ver)Werkboek

Herinneringsboek

Bericht van Inge

Wil je ook je verhaal delen?

Nadat ik de vriendinnen van mijn moeder weer had gezien en gesproken, kreeg ik van hun diverse foto’s. Foto’s van mijn moeder toen ze jonger was en foto’s van de tijd dat ik al geboren was. Tevens was ik bij mijn vader thuis door de bak met dia’s heen gegaan, ik zocht naar dia’s met mijn moeder en naar dia’s van mijn moeder samen met mij.

Van deze dia’s heb ik bij de fotograaf een afdruk laten maken. Elke keer als ik met een stapeltje dia’s naar de fotograaf ging, was ik blij als ik ze een week later weer kon ophalen, alsof ik steeds een heel kostbaar bezit weg bracht en blij was dat ik het weer terug had. Uiteindelijk had ik heel wat foto’s. En ik moet eerlijk zeggen dat ik dat helemaal niet had verwacht. Ik stopte ze in een mapje en dat was het dan. Tenminste: dat dacht ik. Maar ik was nog helemaal niet klaar met de foto’s. Elke keer als ik dat mapje zag dacht ik: wat kan ik daar toch eens mee doen? Alsof ik er voor mijn gevoel nog iets mee moest, maar de vorm er nog niet precies aan kon geven. En achteraf bleek dat ik er zeker nog wel wat mee moest.

Ik kocht een fotoboek. Ging met alle foto’s, fotoboek, schaar en lijm aan een tafel zitten en……. Nee hoor, ik kon er niet aan beginnen. Ik wist ook niet zo goed hoe ik dan moest beginnen en waar ik moest beginnen. Waarschijnlijk bij haar geboorte? Maar stel dat ik later nog foto’s van die periode tegen zou komen, dan zou het niet compleet zijn. Meerdere malen heb ik zo aan tafel gezeten, met wel de intentie om er iets mee te doen, maar niet de inspiratie om er ook iets mee te kunnen. Ik liet het een tijdje rusten, totdat ik van onze vakantie van Noorwegen een fotoboek maakte met behulp van een scrapboek. Een scrapboek is een boek waar plastic hoezen inzitten die je in het boek van plek kan laten verwisselen. In de plastic hoezen kun je kartonnen bladen schuiven en er ook weer uit kan halen. Het is een ongeveer hetzelfde idee als insteek hoezen voor in een multomap. Toen het boek van de vakantie in Noorwegen af was, ben ik gelijk aan mijn moeders boek begonnen.

Nu had ik niet het dilemma waar ik moest beginnen, ik begon gewoon ergens en kon later altijd nog dingen ervoor of er achter toevoegen. Ik begon bij het huwelijk van mijn vader en moeder. Twee jonge mensen die er prachtig stralend uitzagen. Mijn moeder in een mooie witte jurk, mijn vader in een mooi pak met een hoge hoed. Het was bijzonder om te voelen dat ik hun blijheid overnam.

Zo begon ik met het plakken van de foto’s. Soms met een mooi randje van een ander kleurtje karton er omheen, soms met een liedje, gedichtje of plaatje erbij. Steeds wat ik dacht wat erbij hoorde. Elke keer als ik een gedeelte klaar had, kreeg ik de drang om het aan mijn moeder te laten zien. Dat was raar om te ervaren. Steeds bedacht ik me, o nee dat kan natuurlijk niet, net alsof ik af en toe even wakker geschud moest worden. Alsof ik er steeds bewust van moest worden dat ze er niet meer was. Alsof er altijd nog een soort van kleine hoop was. Maar juist dat was verwerken denk ik achteraf.

Soms legde ik het een tijdje in de kast. Dan was ik er weer even genoeg mee bezig geweest. Maar toch trok het elke keer weer om het op te pakken. Het boek werd steeds voller en er begon een heel levensverhaal van mijn moeder in het boek te komen. Haar geboorte, haar pubertijd, de relatie met mijn vader, de geboortes van mijn broer en mij, de families daar omheen en foto’s van haar vakanties. Tot de laatste paar bladzijden. Het was een mooi boek geworden, maar ook haar ziekte en overlijden hoorde bij haar leven.

Ik had een paar foto’s van mijn moeder van toen ze ziek was. Ze zat in de tuin met een pruik op haar hoofd. Mijn vader hing de was voor haar op en op de tafel waar ze aan zat stonden alle spullen die ze nodig had. Niet meer in staat om die zelf te halen, omdat ze niet meer kon lopen. Ja, ook die foto’s hoorde in het boek thuis. En ook de rouwkaart en het bedank-kaartje plakte ik erbij. En op de één na laatste pagina plakte ik een foto van mijn moeder en mij bij mijn diploma uitreiking. Dat was mijn laatste foto met haar. En een foto van mijn moeder en mijn tante en ik tussen hen in. Mijn tante waar ik op het moment dat ik het fotoboek maakte heel veel steun bij vond. Op de allerlaatste pagina plakte ik een brief die ik een paar jaar later aan mijn moeder schreef: Brief aan mijn hart.

Toen was het boek aardig compleet. Ik pakte het regelmatig even om erin te kijken. In eerste instantie voelde ik niet zoveel bij de foto’s. Ik zag mijn moeder en mijzelf, maar voelde niet echt van binnen dat het ook echt bij mij hoorde. Net alsof ik mijn gevoel niet helemaal goed kon plaatsen tussen de foto’s en mijzelf. Maar naar mate ik verder in proces kwam, kwam er steeds meer ruimte voor de foto’s. Kon ik zien hoe haar leven was en kreeg haar hele leven door de foto’s een gezicht. Mijn gevoel kwam weer terug in de foto’s. Het boek is echt van mijn moeder en mij. Ons onderonsje noem ik het ook wel eens. Zo kon ik nog even rondneuzen in haar leven. En haar leven via de foto’s in beeld brengen. Soms voeg ik nog wel iets toe aan het boek. Iets eruit halen, kan ik bijna niet.

Het was echt fijn om het boek te maken. Fijn om op die manier met mijn moeder bezig te zijn. Het was mooi dat ik de tijd daarvoor genomen heb. Maar ook fijn dat ik mezelf de gelegenheid gaf om het op zijn tijd ook even weg te leggen. Door het boek is mijn moeder weer een stukje dichterbij mijn komen te staan. Ze is een soort van terug in mijzelf.

Inge (38), 16 jaar toen ze haar moeder verloor