• Ziektewinst

    Ziektewinst. Wat een vreselijk woord eigenlijk. Maar soms geven ook vreselijke woorden iets prettigs weer. Ik in ieder geval geniet er zeer van dat mijn broer J. vandaag langskomt om een paar klussen in huis voor me te klaren. Zussie, zeg het maar als ik iets voor je kan doen, zei hij een paar weken geleden toen hij met M., mijn schoonzus, bij me kwam eten.  Nou: ik wist er wel een paar, en dat is J. vandaag komen doen. Heerlijk! Ziektewinst!

  • | |

    Bijpraten

    N. miste de voorlaatste trainingsdag van de jaartraining De kunst van het verbinden bij Verlaat Verdriet. ‘Kom maar een keer naar me toe, dan gaan we samen kijken naar wat je die dag hebt gemist. Ik heb daar nu tijd en gelegenheid voor, en ik doe het  graag’, heb ik N. per mail laten weten. Vandaag wordt N. door haar partner vanuit Brabant naar Nunspeet gebracht. De rest van de dag maken ze er een gezellig dagje Veluwe van. Het is goed dat N. is gekomen. Ze heeft veel meegemaakt in de afgelopen maanden, heeft zoveel angsten in de ogen gekeken en overwonnen. Het is fijn een paar uren samen aan het werk te zijn. N. gaat als opgelucht en tevreden mens weg als haar partner haar een paar uur later weer op komt halen.

  • Nieuwe site

    Vandaag gewijd aan mijn nieuwe site wwwverlaatverdriet.nu. Juliette is bereid geweest naar Nunspeet te komen, en dat vind ik fijn. Erg fijn zelfs. Ik weet dat ook dat moet, die nieuwe site. Maar o, wat kost het me een moeite. Ik heb de afgelopen maanden zoveel in mijn binnenwereld geleefd – en nu moet ik de buitenwereld weer in. Ik realiseer me dat ik bijna het bestralingstraject van twee jaar geleden (en van vijftien jaar geleden) mis. De bestralingstrajecten gaven me 6,5 week de gelegenheid om me voornamelijk daarmee bezig te houden. Een uur van Nunspeet naar Arnhem, een paar minuten bestraling, een uur terug naar Nunspeet. Alles wat ik daarnaast nog kon en deed was mooi meegenomen. En nu is alles wat ik niet doe zo verschrikkelijk aanwezig. Ik houd mezelf voor dat twee keer kanker in twee jaar niet niks is, en een borstamputatie ook niet. Waar ik ook last van heb, is de euforie van de genezing die zo naar de achtergrond is gegaan. Kon ik me eerst de stappen vooruit registreren en me zo sterk voelen omdat ik zo snel en goed genas, nu is dat allemaal weer veel gewoner geworden. Kon ik tot nu toe mijn verhaal doen als iemand me vroeg: hoe gaat het met je? nu kan dat niet meer zomaar. Iedereen heeft tenslotte haar/zijn verhaal en niet iedereen zit meer te wachten op een uitgebreid kankerverhaal als antwoord op de simpele vraag: hoe gaat het met je? Da’s wel even weer wennen! Al met al voel ik me nog niet heel erg gemotiveerd, of liever gezegd: nog niet zo heel erg in staat om het grote site-verhaal aan te pakken. Daarom ben ik zo blij dat Juliette naar mij toe is gekomen. Da’s toch meer een thuiswedstrijd, zeg maar. Samen komen we weer een eind, al zal er nog wel wat tijd overheen gaan voordat de site er werkelijk is.

  • | |

    Doorgaan? Doodgaan?

    Een paar lege dagen in mijn agenda – om even niet veel te doen. Althans: er valt wel wat te doen, maar daarvoor heb ik wel het een en ander te overwinnen. Ik moet met mijn boek Terugaan, om verder te kunnen aan het werk. Ik moet weer contact opnemen met Marieke, de vormgeefster. Ik moet contact leggen met een drukker. Ik moet zorgen dat het boek op 17 september a.s. beschikbaar is. Ik kan dat niet meer uitstellen. Het moet echt. Maar wat vind ik het vreselijk om weer in de tekst van Teruggaan, om verder te kunnen te duiken. Dat allemaal nog eens door mijn handen te laten gaan. Tekst die al drie jaar grotendeels klaar is. Sta ik er nog wel achter? Kan dat zo in boekvorm gezet worden? Moeten er nog veranderingen komen? Welke veranderingen? Waarom heb ik het mezelf aan gedaan twaalf boeken te gaan schrijven. Al zijn ze allemaal van enigszins bescheiden omvang: het moet wel allemaal geschreven worden. De grafisch vormgeefster moet weer aan het werk. De boekvormgeefster moet weer aan het werk. Ik moet weer aan het werk. Wat is dat toch, deze innerlijke drive, die altijd weer de kop opsteekt en waarschijnlijk pas tevreden is als ik de hele Amor Fati-reeks, in alle twaalf kleuren en met alle twaalf illustraties op de voorzijde, in mijn handen houd. Die drive die dan waarschijnlijk al weer de volgende plannen klaar heeft liggen. Doorgaan? Doodgaan? Daar heb ik helemaal geen tijd voor! Ik voel weer het besluit dat ik ooit als kind heb genomen: ik word 92. Maar ja! Doorgaan dus. Denken. Bellen. Denken. Praten. Denken. Beslissen. Denken. Afspraken maken. En eigenlijk wil ik het niet. Maar aller-eigenlijkst wil ik het wel.