• |

    Verlaat Verdriet/Versteckte Trauer

    Versteckte Trauer

    Zum Verstreckte Trauer-Blog lade ich Sie/dich gerne ein Versteckte Trauer/Verlaat Verdriet zu besuchen.

    Verlaat Verdriet

    Vorige week was ik te gast in Zwitserland bij Diederika Tasma (null).  Een aantal jaren geleden volgde Diederika een Verlaat Verdriet-workshop bij mij. Diederika is Nederlandse van geboorte, groeide in Nederland op maar verhuisde ruim tien jaar geleden naar Zwitserland. In de buurt van Bern, waar Didi woont en werkt,  voelt ze zich thuis. Na de Verlaat Verdriet-workshop besloot Diederika in Zwitserland een coachingspraktijk te starten, waarin Verlaat Verdriet en verlate rouw bij Verlaat Verdriet een grote rol zouden gaan spelen. Didi schoolde zich voor coachingswerk en werkt sindsdien met Verlaat Verdriet-ers in Zwitserland. Vanaf het begin van haar praktijk hebben Diederika en ik op afstand samengewerkt, met de afspraak ook in de praktijk samen te werken. Als gevolg van onze afspraak vloog ik vorige week dinsdag naar Zwitserland, om een weekje samen met Diederika in haar praktijk aan het werk te gaan. En samen invulling te geven aan de Terugkomdag van een deel van haar Verlaat Verdriet-cursisten.

    Op zaterdag 16 maart 2013 was het zover: de Terugkomdag met André, Isabelle en Sabrina. Een mooie en zinvolle dag, waarin ik – niet geheel onverwacht – kon constateren dat Zwitserse Verlaat Verdriet-ers net zo zijn als wij Nederlandse Verlaat Verdriet-ers.

    Maar: niet alleen deze Terugkomdag, maar ook de week waarin Diederika en ik samen aan ons Verlaat Verdriet-werk hebben kunnen werken heeft mij geïnspireerd een nieuwe Verlaat Verdriet-cursus te ontwikkelen: Verlaat Verdriet:  wegen naar verandering.
    Diederika, André, Isabelle, Sabrina en niet te vergeten Steven: dank jullie voor deze samenwerking!

    Uitnodiging

    Vind je het leuk om via deze Blog contact te hebben met Didi’s cursisten in Zwitserland? Reageer dan, in het Duits, via de Blog Versteckte Trauer/Verlaat Verdriet.

  • |

    Goed rouwen

    Rouwen is verdriet verwerken om een verlies dat je geleden hebt.
    Goed rouwen betekent niet het verlies en het verdriet een plaats geven in je leven, het verlies achter je laten en (zo snel mogelijk) doorgaan met je leven.
    Goed rouwen is weten waar je blauwe plekken zitten. Je kwetsbare plekken. Waar de losse eindjes zitten. En hoe je op een goede manier voor je kwetsbare plekken en de losse eindjes zorgt.
    Goed rouwen is je opnieuw verbinden met het leven.
    Goed rouwen is je opnieuw verbinden met leven.
    Goed rouwen vraagt zelfkennis.
    Goed rouwen betekent: jezelf leren kennen.

    Goed rouwen bij Verlaat Verdriet is je kwetsbare plekken leren zien, je kwetsbare plekken onderkennen, ze erkennen en accepteren en er goed voor leren zorgen.

    Een goede therapeut/rouwbegeleider voor een Verlaat Verdriet-er kent, onderkent, erkent en respecteert de kwetsbare plekken van Verlaat Verdriet-ers (en roept bijvoorbeeld niet: je idealiseert je moeder/je vader, maar is volledig doordrongen van de consequenties van het verlies van een ouder voor een kind en van wat een kind mist als het de eigen ouder/opvoeder is verloren door de dood).
    Een goede rouwbegeleider kent de specifieke dynamiek van een verlaat rouw-en veranderproces bij Verlaat Verdriet. 

  • | | |

    Gat in de weg

    Je met succes aanpassen aan de veranderde omstandigheden lijkt niet alleen een eigentijdse aanname te zijn met betrekking tot verlies & rouw, maar ook een eigentijdse rouw-opdracht. Regelmatig vraag ik me af of degene(n) die een dergelijke ‘rouw-oplossing’ verzint/verzinnen (wie dat zijn: ik heb geen idee) zich ooit één seconde bezighoudt/bezighouden met de reikwijdte – namelijk met de gevolgen op langere termijn- van dit soort opvattingen. Veerkracht. Je met succes aanpassen aan de veranderde omstandigheden.

    Maar wat betekent: je met succes aanpassen aan de veranderde omstandigheden voor kinderen die een ouder verliezen? Heb je je met succes aangepast als de mensen in je omgeving – zoals bijvoorbeeld je overgebleven ouder en/of andere opvoeders – geen last van je hebben? Of heb je je met succes aangepast als niemand meer iets aan je merkt? Terwijl je altijd op je tenen loopt om iedereen tevreden te houden?

    Steeds duidelijker zie ik bij Verlaat Verdriet-ers de consequenties van je met succes aanpassen aan de veranderde omstandigheden. Want dat is wat de vele Verlaat Verdriet-ers die ik heb ontmoet, en met wie ik heb mogen werken, in hun jeugd hebben gedaan. Zich aanpassen. Geen last veroorzaken. Op de overgebleven ouder letten: gaat het wel goed met haar/hem? Zorg op je nemen die je eigenlijk niet kunt dragen. Zorg geven, in plaats van zorg ontvangen. Al je veerkracht in moeten zetten om jezelf in stand te kunnen houden.
    Ik zie volwassen Verlaat Verdriet-ers daar steeds weer in vast lopen. Je altijd weer aanpassen aan omstandigheden die niet goed voor je zijn. Niet om kunnen gaan met grenzen. Jezelf weggeven, zoals je dat al gewend bent te doen sinds de dood van je ouder(s). Met als gevolg dat je geen idee meer hebt van wie je zelf eigenlijk bent.

    Afgelopen vrijdag hebben we (opnieuw) een prachtige laatste dag meegemaakt van de jaartraining De kunst van het verbinden bij Verlaat Verdriet. Ingrid, één van de deelneemsters van deze cyclus, bracht een mooie tekst voor ons mee. Een tekst die ik hier graag met je wil delen. Een tekst dat mij uitnodigde om de laatste strofe (4: ik loop er omheen5: ik loop door een andere straat) – ontwijken: daar zijn Verlaat Verdriet-ers al heel erg goed in – een eigen invulling te geven.
    Graag nodig ik ook jou uit om te reageren op deze Blog en jouw invulling van de laatste strofe te delen met andere lezers. Een invulling die bij jou en bij jouw ervaringen past.

    Gat in de weg

    1)     Ik loop door een straat.
    Er is een diep gat in het trottoir.
    Ik val erin.
    Ik ben verloren……ik ben radeloos.
    Het is mijn verantwoordelijkheid niet.
    Het duurt eeuwig om een uitweg te vinden.

    2)     Ik loop door dezelfde straat.
    Er is een diep gat in het trottoir.
    Ik doe of ik het niet zie.
    Ik val er weer in.
    Ik kan niet geloven dat ik op dezelfde plek ben.
    Maar het is niet mijn verantwoordelijkheid.
    Het duurt nog lang voor ik er uit ben.

    3)     Ik loop door dezelfde straat.
    Er is een diep gat in het trottoir.
    Ik zie dat het er is .
    Ik val er weer in …. Het is een gewoonte.
    Mijn ogen zijn open.
    Ik weet waar ik ben.
    Het is mijn verantwoordelijkheid.
    Ik kom er direct  uit.

    4)     Ik loop door dezelfde straat.
    Er is een diep gat in het trottoir.
    Ik loop er omheen.

    5)   Ik loop door een andere straat.

     

  • | |

    Mijn vader eren

    In het dagboekje dat ik noemde in mijn eerdere blog van vandaag Lief klein meisje kwam ik een tekst tegen die ik in 1998 (kennelijk) over had genomen uit één van de vele teksten die mijn vader mij heeft nagelaten.

    Veel is er, na de dood van mijn moeder in 1957, mis gegaan. In ons gezin. In het latere gezin, nadat mijn vader was hertrouwd. Tussen hem en mij. Boos ben ik geweest over de gang van zaken. Verraden heb ik mij gevoeld. In de steek gelaten. Mijn vader was allang dood toen er bij mij ruimte was ontstaan om met hem te delen over het verlies van mijn moeder. Van zijn vrouw. Van de moeder van mijn jongere broertje.
    Ik heb andere wegen moeten zoeken – en gevonden – om de gevolgen van het verlies van mijn moeder te verwerken en te helen.

    Een deel van deze tekst wil ik graag met je delen. Voor de duidelijkheid: mijn ouders, die in 1937 trouwden, hebben in verband met de oorlogsdreiging het krijgen van kinderen uitgesteld tot na de oorlog. Ik ben het eerste kind van de twee kinderen die ze hebben gekregen. Ik ben geboren in 1949, mijn moeder was toen 41 en mijn vader was 40 jaar. Mijn moeder was 49 jaar toen ze overleed, mijn vader is 75 geworden.

    ……..Toen we wisten, dat er toch een kind geboren zou worden, beseften we, dat we dus iets zouden ontvangen boven dat wat we reeds hadden. En zo voelden we heel sterk, dat we jullie dank verschuldigd waren. We gingen immers een grote schuld op ons nemen. Niet alleen zouden we jullie het leven schenken, maar in dit leven ook de dood, die daar onvermijdelijk op zal volgen. En niet alleen het feit van de dood, zoals dat feit ook is in het leven van een dier, maar het besef dat je leven een einde zal nemen, met alle leed en soms angst, die dat besef meebrengt. Ondanks de gedachte dat het zo toch goed is. Jullie hebt niet om je leven gevraagd. We hebben het je ongevraagd gegeven. Betekent dit leven in hoofdzaak geluk, of zal het veel ongeluk brengen? We weten het niet. We namen een hele reeks van risico’s die in hoofdzaak niet wij, maar jullie zelf te dragen hebben. Wij zullen dus niet eens bij benadering de grootte van de schuld kennen, die we tegenover jullie zullen hebben. We zullen die grootte zelfs niet kunnen bevroeden.

    We dienen jullie dus dankbaar te zijn voor het feit dat jullie geboren zijn en ons geluk en onze levensvervulling zijn komen vergroten. Ik hoop, dat we onszelf daarvan steeds bewust zullen zijn en dat we in staat zullen zijn die schuld aan jullie zo klein mogelijk te doen zijn, door jullie in je jeugd zoveel mee te geven aan goede verzorging, aan liefde, aan wat niet al, dat de kans op een gelukkig leven voor jullie zo groot mogelijk zal zijn.
    …… Maar wanneer we in staat zullen zijn, jullie een gelukkige jeugd te geven en dat wat je nodig zult hebben om daarna een gelukkig mens te kunnen worden, dan hebben we toch iets verwezenlijkt van wat we menen tegenover jullie, die ons leven zozeer zijn komen verrijken als we ons niet voor hadden kunnen stellen vóór jullie komst, schuldig te zijn.

    Ik zou mijn vader graag hebben willen kunnen laten weten (ook al zou ik ongetwijfeld van hem op mijn donder hebben gekregen voor deze aaneengekoppelde reeks werkwoorden) dat ik nu – in 2013 –  kan zeggen: gemakkelijk is het niet geweest, maar ik ben een gelukkig mens geworden. Mede dank zij de bijzondere, liefdevolle basis die ik van mijn beide ouders mee heb gekregen.
    Op mijn beurt ben ik mijn ouders niet alleen dankbaarheid verschuldigd – ik ben dankbaar voor dat wat ik van hen als geschenk voor het leven heb meegekregen (vooral ook Pap: voor wat niet al).

    Titia, dochter van Ben en Jo Liese-Letteboer