• |

    De Ommekeer

    Mijn hoop heet tesjoewa de ommekeer
    haar moeder heet berouw en zij huilt
    om wat zij heeft aangericht
    ze keert zich en loopt
    langzaam, voetje voor voetje
    de andere kant op.

    Ze zegt klein niet nog groter
    ze zegt langzaam niet nog sneller
    ze zegt zacht niet met geweld
    ze produceert niet ze geneest
    ze plundert niet ze balanceert
    haar moeder heet berouw en zij huilt.

    Mijn hoop heet tesjoewa
    de ommekeer
    en mijn moeders zeggen
    er bestaat geen dag en geen uur
    voor niemand ter wereld
    waarop ommekeer niet mogelijk is.

    Dorothee Sölle

    Gedicht geplaatst met toestemming van de uitgever: Ten Have