• | | | |

    De kunst van het losmaken

    Zoals ik al eerder heb aangekondigd, ben ik bezig een nieuwe cursus te ontwikkelen: De kunst van het losmaken. De cursus krijgt gestaag vorm. Het is nu zover dat ik kan aankondigen: begin 2014 is de cursus klaar voor gebruik.

    De kunst van het losmaken

    Laat de negatieve ervaringen van het vroege verlies van je ouder en de stapeling van gevolgen die dat voor jou heeft gehad een positieve levensinstelling niet langer in de weg staan.

    LOSMAKEN

    Aan de hand van werkvormen, die speciaal van toepassing zijn op Verlaat Verdriet en Verlaat Verdriet-ers onderzoek je wat voor jou de kunst van het losmaken betekent.

    • Waarvan wil je je losmaken?
    • Wat wil je loslaten?
    • Wat wil je behouden?
    • Wat heeft het nodig nog be-rouwd te worden?

    Verliesangst

    • Wat betekent verliesangst voor je?
    • Wat betekent verliesangst in je leven?
    • Welke invloed heeft verliesangst op je manier van leven?

    Overlevingspatronen

    • Wat zijn BOS-patronen bij Verlaat Verdriet?
    • Wat betekenen de overlevingspatronen die je hebt ontwikkeld na het verlies van je ouder?
    • Waar knellen ze?
    • Waar verhinderen ze je voluit te leven?
    • Wat zijn overlevingspatronen bij Verlaat Verdriet eigenlijk precies?
    • Wat houden ze in?

    Oordelen

    • Welke oordelen heb je over jezelf?
    • Welke oordelen heb je over je omgeving?
    • Welke oordelen heb je over je relaties?
    • Welke oordelen heb je over je werk?
    • Welke oordelen heb je over het leven?
    • Welke oordelen heb je over je overlevingspatronen?

    Kwaliteiten

    Welke kwaliteiten heb je ontwikkeld, niet alleen ondanks het vroege verlies van je ouder, maar ook dank zij het vroege verlies van je ouder?

    Het verlies een plaats geven: doe het maar eens

    Zodat ook jij, op jouw beurt kunt zeggen:
    “Het vroege verlies van mijn ouder is een gegeven in mijn leven.
    Ik aanvaard dat, en geef het verlies en alles wat het verlies met zich mee heeft gebracht een liefdevolle plaats in mijn leven.
    Ik zeg niet meer: ‘Ik heb het achter me gelaten. Het is nu over.’
    Ik ken mijn kwetsbaarheden, maar ik ken ook mijn grote kracht.
    Ik aanvaard de levenslange invloed die de vroege dood van mijn ouder op mij en op mijn leven heeft gehad en heeft.
    Het heeft me gemaakt tot wie ik nu ben.
    Ik accepteer dit verlies als deel van mij en van mijn leven.
    Ik besteed er regelmatig aandacht aan.
    Ik stop het niet meer weg.
    Het mag er zijn.
    Ik neem het mee door mijn leven heen.
    Ik gun mijzelf de winst van alles wat ik er van heb geleerd.
    Van harte.”

     

    Voor gevorderden.

    Een bijzonderheid die ik je door wil geven voorafgaand aan deze cursus: De kunst van het losmaken is een cursus voor gevorderden.

     

  • |

    Oud patroontje, leef je nog? (2)

    Experience-based Verlaat Verdriet-werk heeft grote voordelen. Wie beter dan wijzelf – Verlaat Verdriet-ers – is in staat de levenslange invloed van de vroege dood van een ouder te benaderen vanuit de ervaringen van het kind van toen en betekenis te geven vanuit de ervaringen van de volwassene van nu?

    Maar: experience-based Verlaat Verdriet-werk heeft ook z’n kwetsbare kanten. Eén van die kanten ervaar ik sinds enige tijd ook weer zelf. Mijn eigen fysieke ervaring. Een even kwetsbare als invloedrijke kant van overleven. Gebeurtenissen van buitenaf waar ik geen invloed op heb gehad – waar ik bij betrokken ben, maar feitelijk niet in betrokken ben – heeft mijn hele fysieke overleef-systeem diep geraakt en (weer eens) op alert gezet.
    Ik zit er weer midden in. Gevoelens van machteloosheid hebben het systeem – mijn systeem – weer helemaal in gang gezet. Ik zit weer in een fysiek overleef-systeem dat totaal is gericht op overleven.

    Bijzonder evenwel aan deze staat van paraatheid – zoals die zich nu bij mij voordoet – is: omdat de kwestie die speelt in wezen niet over mij gaat en ik geen verantwoordelijkheden heb in de ontstane situatie, (de gevoelens van machteloosheid zijn er niet minder om, integendeel) zit ik er niet alleen middenin, maar kan ik tegelijkertijd ook als buitenstaander de verschijnselen die zich in mij afspelen observeren. En dat is heel anders dan vroeger. Een groot deel van mijn leven heb ik in deze overleefstand doorgebracht. Met alle fysieke gevolgen van dien. Geconfronteerd met de gevolgen, maar me al die jaren totaal niet bewust van de oorzaak: het vroege verlies van mijn moeder.

    ‘Ik ben weer een gesloten systeem geworden’ realiseerde ik me een paar dagen geleden. ‘Uitsluitend gericht op overleven’. Ik heb geen eetlust. Ik kan wel klussen of werkzaamheden doen die dicht bij me liggen, maar ‘uitreiken’ kan ik niet. Mijn lijf is supergevoelig voor invloeden van buitenaf – bij het minste of geringste schiet m’n lijf weer in staat van hoogste paraatheid. Plannen maken: lukt niet. Initiatieven nemen: lukt niet. Toekomstgericht denken: lukt niet. Concentreren: lukt niet. Mijn geheugen heeft gaten. Ik kan soms helemaal niet op woorden komen. De regulatie van mijn lichaamstemperatuur is in de war, mijn voeten vaak koud. Mijn darmen werken niet normaal.

    Ook anders dan vroeger ben ik nu niet alleen lijdend voorwerp (de overleefstand is over het algemeen geen prettige fysieke ervaring, dat weet je wellicht zelf als de beste), mijn lijf is nu ook mijn eigen studie-object. Wat gebeurt er allemaal? Hoe reageert mijn psyche? Wat doet mijn lijf? Hoe voel ik me? Wat heb ik nodig? Wat is niet goed voor mij? Welke processen spelen zich af? In welke volgorde? Heb ik daar invloed op? Zo ja: welke invloed? Zo nee: wat kan ik dan wel doen?

    ’s Ochtends bij het wakker worden weet ik het ineens. Ik – het gesloten systeem – heb het nodig om te spuien, te spuien, te spuien. Ik bel de psycho-therapeut met wie ik er al menig sessie op heb zitten en kan op korte termijn een afspraak maken. We starten de sessie met spuien, spuien, spuien. En dan, na een klein uur, zijn we bij de kern aangekomen. In mij blijkt nog altijd een klein meisje van acht te zitten (mijn moeder stierf toen ik acht was) dat doodsbang is voor de volgende klap – een nieuwe ruptuur.

    ‘Kun je aanvaarden dat er een klein meisje in je zit dat doodsbang is?‘, vraag M., de therapeut. ‘Nee’, zeg ik meteen. ‘Dat meisje is al groot. Die redt zich heus wel.’

    ‘Kun je aanvaarden dat je niet kunt aanvaarden dat er een klein meisje in je zit dat doodsbang is, terwijl je weet dat dat kleine doodsbange meisje er wel is?’
    ‘Ja’, zeg ik.
    Dat kan ik wel. En op hetzelfde moment vloeit er een heleboel spanning uit me weg.

    ‘Oud patroontje, leef je nog?’
    Ja.
    Dat kun je wel zeggen.