• |

    Oud patroontje, leef je nog? (1)

    N.B.
    Deze Blog is geschreven en geplaatst na overleg met en toestemming van Margreet. 

    Donderdagavond. De telefoon gaat. Margreet. “Ik moet je iets vertellen.” Margreet heeft bij mij een aantal jaren geleden de basisworkshop Verlaat Verdriet en later het psycho-biografisch traject Heel je Leven gedaan. Nog later zijn zij en ik samen aan het werk gegaan om, vanuit Verlaat Verdriet-perspectief, een hulpaanbod te ontwikkelen voor kinderen die een ouder verliezen. Margreet is namelijk schoolmaatschappelijk werkster.

    De basisworkshop Verlaat Verdriet, Heel je leven en het bijbehorende verlate rouw- en verandertraject heeft Margreet bepaald niet zonder weerstand doorlopen. “Wanneer houdt dit eens op”. “Ik wil er niet in blijven hangen”. “Slachtoffergedoe”“Zeg jij nou eens wat ik moet doen, ik heb er genoeg van.” Enzovoort. Enzovoort. Enzovoort. Maar: ondanks al deze innerlijke tegenwerking hield Margreet vol. “Het is nog steeds niet goed. En ik wil dat het goed is”.

    “Je hoort het ook als het niet goed is. Dus nu bel ik je om te vertellen wat ik heb meegemaakt. Want dat is heel bijzonder. Ik wil dat je dat weet.
    Ik was bij een uitvaart. Vreselijk. Een collega. Moeder. Echt erg. Maar wat tegelijkertijd heel bijzonder was: ik ben helemaal aanwezig gebleven. Helemaal. Ik weet van het begin tot het eind wie er waren en wat er gebeurde. Dat is nog nooit gebeurd. Normaal ben ik er wel, maar tegelijkertijd ben ik er ook niet.
    Deze aanwezigheid heb ik echt helemaal – totaal – gevoeld. Ook met mijn lijf. En ook andere mensen hebben het gemerkt. Wat een bijzondere ervaring! Ineens was ik toegankelijk. Kon ik vertellen dat ik ook jong mijn moeder heb verloren. Kon ik delen. Ik was werkelijk met ze in contact. Echt in contact, bedoel ik”.

    “Ik wil dat je dit weet”, zegt Margreet. “Je hebt zo vaak tegen me gezegd dat er een moment zou komen waarop ik een omslag zou ervaren. Ik heb je altijd aangehoord en gedacht: daar heb je d’r weer. Het zal wel. Titia, als jij blijft zeggen: het komt, maar je kunt niet zeggen wanneer en hoe, wat heb ik er dan aan? En nu, op een moment dat ik er totaal niet op rekende – en eigenlijk helemaal niet bezig was met mijn eigen Verlaat Verdriet – nu was het er ineens. En ja, er zullen heus wel weer momenten komen waarop ik twijfel. Waarop ik baal. Waarop ik me rot voel. “Oud patroontje, leef je nog?” Maar hoe dan ook: dit heb ik ervaren. Dit vergeet ik nooit meer”!

    Zelf heb ik groot plezier om Margreet’s spontane vondst: Oud patroontje, leef je nog? Mooie titel voor een boek! Maar vooral verheug ik me om wat Margreet nu is overkomen. Het is voor Verlaat Verdriet-ers soms (en eigenlijk vaak) moeilijk vertrouwen te hebben en vertrouwen te houden in het verlate rouw- en veranderproces bij Verlaat Verdriet. Dan voel ik me wel eens een beetje met lege handen staan. Want wat zeg je eigenlijk als je tegen iemand zegt: “ook voor jou komt zo’n moment. Ik kan je alleen niet vertellen wanneer en hoe. Maar het komt. Als jij jouw bijdrage levert aan de voorwaarden. Het komt!”

    En wat ook zo prachtig is aan deze ervaring van Margreet: ze belt me op. Ze deelt haar ervaring met mij! Zie je wel – ook al leven je oude patronen nog: er kunnen al nieuwe ontstaan. Zoals bellen om te delen. Ook dat is Verlaat Verdriet-werkelijkheid!

     

  • |

    Tentoonstelling voor overlevers

    Enkele jaren geleden reisde ik met Anja Tjallema-Kharitanova naar Sint Petersburg. Een ervaring die in mijn ziel gegrift staat. Alleen al de onvermoeibare en bezielde begeleiding van Anja – in veel gevallen nog eens aangevuld en ondersteund door haar in Petersburg wonende ouders – maakte deze reis tot een heel bijzondere gebeurtenis. Sint Petersburg van binnen en van buiten, zou je kunnen zeggen. Het enige wat ik echt gemist heb bij dat bezoek (en dat lag zeker noch aan Anja, noch aan haar ouders) was het missende stuk uit de kunstgeschiedenis dat mij nou juist zo interesseert: het gat tussen de schilderijen van Repin c.s. (die mij voornamelijk niet aanspreken, al zijn ze nog zo kolossaal van grootte) en het Zwart Vierkant van Malewitsch. Dat moest ik toch in Petersburg, die bakermat van veranderingen, kunnen zien? Niet. In ieder geval niet bij mijn bezoek, ook niet aan het Staatsmuseum. Teleurstelling. En kleine, maar wel een echte.

    Een paar weken geleden las ik over de tentoonstelling De Sovjet Mythe in het Drents Museum in Assen.
    Daar moet ik zijn, wist ik meteen.
    Afgelopen donderdag bezocht ik, samen met een vriendin, deze tentoonstelling en zag wat ik in Petersburg hoopte te kunnen zien: de ontwikkelingen in de Russische kunst tussen Repin c.s.naar Malewitsch c.s. De namen van de kunstenaars: ik kende ze niet. De werken van de kunstenaars: ik kende ze niet. Voor gewone mensen als ik grotendeels verborgen gebleven voor de buitenwereld – de wereld zowel binnen als buiten de Sovjet Unie.

    Het verlangen naar verandering. Zichtbaar. Merkbaar. Voelbaar. De kracht van verandering. Tegen verdrukking, afwijzing en afkeuring in. In alles aanwezig.

    Nog afgezien van het bezoek aan het museum – wonder van samenwerking en doorzettingsvermogen – dat elke reis, waarvandaan dan ook, de moeite waard maakt: een tentoonstelling van en voor overlevers en veranderaars.

  • |

    Leef- & overleef-gebieden

    Regelmatig kom ik in mijn Verlaat Verdriet-werk een onmiskenbare hang tegen naar zelfdoding. Soms gebeurt het werkelijk dat een Verlaat Verdriet-er een einde maakt aan haar of zijn leven. Soms komt zelfdoding heel dichtbij in de vorm van een of meer poging(en) tot zelfdoding. Bij andere Verlaat Verdriet-ers doen zich regelmatig gedachten voor aan een zelfgekozen levenseinde.

    Ook bij mijzelf hebt ik die gedachten jaren en jaren gekend. De gedachten waren er, een daad nooit. Meestal zelfondermijnende oordelen tot gevolg hebbend: ‘Zie je wel, zelfs daar ben je te laf voor.’ ‘Zie je wel, zelfs dat lukt je niet.’  Lang heb ik geworsteld in dit ongemakkelijke leef-&overleef-gebied. Tot ik me op een dag realiseerde: ‘Ik wil niet dood. Ik wil zelfs helemaal niet dood. Ik weet alleen niet hoe ik moet leven.’

    Een verlaat rouwproces, zo heb ik zelf ervaren, is een proces waarin zich, als het goed is, een aantal verandermomenten voordoen. Verandermomenten. Kantelmomenten. Momenten waarop je een realisatie hebt die je de mogelijkheid biedt een ander perspectief te kiezen.
    Ik geeft toe: het leven wordt door zo’n kantelmoment meestal niet onmiddellijk verschrikkelijk veel gemakkelijker.

    Het leven wordt door zo’n kantelmoment echter meestal wel volkomen anders.  Kantelmomenten – verandermomenten – zijn dus hele waardevolle momenten in een verlaat rouwproces, ook al heb je ze over het algemeen zwaar moeten bevechten en was de weg daarnaartoe verre van comfortabel. Het zijn wel de momenten waarop je daadwerkelijk een stap hebt gezet van overleven naar leven.

  • |

    Uitweg uit Verlaat Verdriet

    ‘Als ik het woord proces hoor, dan weet ik het wel weer: dat gaat héééél lang duren en er komt nooit een end aan’ las ik een aantal jaren geleden in een interview met een korpschef bij de politie.

    Dezelfde soort gevoelens riep/roept bij mij het woord rouwproces ook op: dat gaat héééél lang duren en er komt nooit een end aan.

    Proces. Een woord uit de mechanische, maakbare tijd (lineaire tijd). Een woord uit de tijd van de ‘maakbaarheid’.
    Er is een begin: namelijk de situatie die is nu is (en die om verandering vraagt). Er is een midden: namelijk het werk dat gedaan moet worden om tot een gewenst eindresultaat te komen. En er is een gewenst eindresultaat. Meten is weten. Bij processen van mechanische aard is dat mogelijk. Je meet de beginsituatie en je meet het eindresultaat. Dan weet je of het doel is gehaald.

    Bij een rouwproces na overlijden ligt dat anders. Van de beginsituatie weet je alleen maar dat een ander mens is gestorven. Wat het eindresultaat van dat rouwproces moet zijn is echter een grote onbekende. Raar woord dus eigenlijk in dit verband: proces. Hoe kun je weten of je het goed doet? Wat goed is? Welk resultaat je moet behalen (loslaten, hoor ik meteen roepen. Maar juist loslaten vormt voor Verlaat Verdriet-ers een groot probleem). Lang heb ik aangehikt tegen het woord verlaat rouwproces. Zou daar niet een ander woord voor moeten komen? Maar welk woord dan? Of welk begrip?

    Verlaat Verdriet-ers hebben vaak het gevoel vastgelopen te zijn in hun leven. Ze kunnen voor hun gevoel geen kant meer op. Ze zien geen uitweg meer. Ze voelen zich machteloos tegen de situatie waarin ze terecht zijn gekomen. Een begaanbare uitweg uit die gevoelens van machteloosheid creëren is een klus die veel Verlaat Verdriet-ers voor elkaar moeten zien te krijgen. Een uitweg waar een begin aan is en een eind. Die van machteloosheid gaat naar handelen. Van overleven naar leven.

    Een proces.

    Daarom handhaaf ik toch het begrip verlaat rouwproces. Niet in de zin van: aan het einde van een verlaat rouwproces is ‘het’ over, maar in de zin van: aan het einde van het proces heb je het verlies van toen in je leven van nu geïntegreerd.
    Dan heeft het verlies van toen een plaats gekregen in je leven, waardoor je in staat bent steeds opnieuw veranderingen aan te gaan en toe te laten.

    Je kunt de feiten in je leven niet veranderen,

    wel de rol die deze feiten in je leven van nu mogen spelen.