• | |

    Weggestopt

    Weggestopt

    Als verlies zo ver is weggestopt, zo niet bespreekbaar is, maar ondertussen zo in àlles zit… in de manier waarop mensen in hun leven staan, in hun relaties, in hun werk. Hoe het verdriet in het leven van alledag zit, in het gezin van herkomst, in de relatie met broers en zussen.
    Als verdriet door je leven heen sijpelt, het zich in de kruipruimten van je bestaan nestelt en je blijft het negeren, dan veronachtzaam je een deel van je leven van wat je toekomt.

    Buitensluiten

    Dan sluit je een deel van jezelf buiten en de kans is groot dat dat eigenlijk je meest krachtige deel is, liefde, ook voor jezelf.
    Veel mensen stoppen hun verdriet zó ver weg dat ze niet eens merken dat ze het negeren.

    Publiciteit

    Vandaar dat publiciteit over dit onderwerp zo belangrijk is. Pas als je erover leest, denk je, weet je; dit gaat over mij, niet een beetje, maar dan ook totaal. Dit gaat he-le-maal over mij, dit is mijn verhaal.
    Hoe verschillend de verhalen ook zijn, uiteindelijk gaan alle verhalen over hetzelfde.
    Ze gaan over eenzaamheid, zich niet gehoord en gezien hebben gevoeld, over gevoelens van machteloosheid.

    Symposium ZEER

    Ben je Verlaat Verdriet-er?
    Herken je je in bovenstaand fragment?
    Dan is symposium ZEER op 13 mei 2017 geschikt voor jou.
    Weet dat je welkom bent.
    Meld je aan!

    Interview

    Bovenstaande tekst is afkomstig uit het interview dat Joyce de Schepper (redactie glossy ZEER) een paar jaar geleden met Titia Liese had.
    In de komende dagen meer delen uit dit interview in de blogs op deze site.

    Vermenigvuldigen door delen

    Help mee zo veel mogelijk mensen te bereiken voor dit symposium.
    Deel berichten over ZEER zoveel als je kunt in je eigen netwerk!

  • | |

    De realiteit onder ogen zien

     

     

     

     

    De realiteit onder ogen zien

    Sonja Barend (1941) en Wolf Biermann (1936) zien de realiteit van de levenslange invloed van het vroege verlies van hun vader onder ogen.
    Mamma, wat is er gebeurd met mijn vader?’
    ‘Het ingebakken verdriet om mijn vader is de wet waar ik naar leef.’

    Aan het woord Sonja Barend en Wolf Biermann in interviews over de auto-biografieën die ze geschreven hebben. Twee levens, van een succesvolle vrouw en een succesvolle man. Allebei heel jong hun vader verloren. De Nederlandse Sonja Barend en de Duitse Wolf Biermann. Beider levens hebben in het teken gestaan van het vroege verlies van hun vader.

    De dood hoort bij het leven

    Tegelijkertijd is het boek van Mariken Spuy uitgekomen: Rouw bij kinderen en jongeren. Met dit boek pleit Spuy kinderen vertrouwd te maken met de dood. De dood hoort bij het leven. Dat kunnen kinderen zeker leren.
    Dat geloof ik: de dood hoort bij het leven.
    Maar: een kind hoort geen ouder te verliezen. Een kind heeft haar/zijn ouder nodig.

    Onder ogen zien

    Altijd weer mis ik – bij welke ‘rouwdeskundige’ dan ook als het gaat om kinderen die een ouder verliezen – de link naar volwassenheid. Naar de volwassenen die als kind een ouder hebben verloren door de dood. Naar Verlaat Verdriet-ers dus.

    Niet alleen kinderen moeten de realiteit van de dood onder ogen leren zien (veel Verlaat Verdriet-ers geven overigens aan dat als kind zeker gedaan te hebben, terwijl het de volwassenen in hun omgeving waren die nog steeds om de dood heen draaiden) – minstens zo belangrijk en minstens zo noodzakelijk is het onder ogen zien van de realiteit van het menselijk tekort. Want: vele malen invloedrijker op het verdere leven van het kind.
    Dus: onder ogen leren zien van die realiteit.
    De realiteit van het menselijk tekort.
    Door alle betrokkenen.
    Toen en nu.

    Het menselijk tekort

    Het menselijk tekort van de overgebleven ouder die, zelf zwaar beschadigd, verder moet zien te gaan. Ongewenst, door tussenkomst van de dood, alleenstaand ouder en alleenstaand opvoeder geworden. ‘Op het moment dat de ouder daar het minst toe in staat is, wordt het meest van haar/hem gevraagd. Dat is een bovenmenselijke taak’. Woorden van deze strekking las ik jaren geleden van een psychiater die zowel kinderen als volwassenen in behandeling had. Een psychiater die wel de doorgaande lijn van jong ouderverlies onder ogen zag.

    Slechts 20%

    Vierenzestighonderd kinderen verliezen in hun jeugd een ouder door de dood. ‘Slechts 20% van deze kinderen houdt psychische klachten na het overlijden’, aldus mevrouw Spuy. Dat betekent: 1.280 kinderen.
    Laten we de berekening van mevrouw Spuy hier op deze plek het voordeel van twijfel geven.
    Laten we kijken naar de leeftijd van Sonja Barend (76) en Wolf Biermann (81). De gevolgen van jong ouderverlies zou je levenslang kunnen noemen. In elk geval: zij geven dat zelf aan. Niet onbelangrijk, lijkt me.
    Laten we uitgaan van Verlaat Verdriet-ers tot aan de leeftijd van 95 jaar.
    Laten we hier een kleine berekening maken: van 20-95 jaar (Verlaat Verdriet gerekend vanaf 20 jaar) = 75 x 1.280 = 96.000.
    Dat zou kunnen betekenen dat 96.000 volwassen Nederlanders op de één of andere manier de levenslange invloed van het vroege verlies van de ouder zouden kunnen voelen.
    Zelf vermoed ik dat je met het aantal van 96.000 de realiteit bij lange na niet onder ogen ziet.
    Maar zelfs als je dat wel doet: zo’n aantal kun je toch niet ‘slechts’ noemen?

    De realiteit onder ogen zien

    Je kunt niet voorkomen dat kinderen als volwassene worstelen met de gevolgen van het vroeg verlies van hun ouder(s).
    Je kunt wel voorkomen dat ze blijven worstelen omdat Verlaat Verdriet – de gevolgen van jong ouderverlies – niet gehoord en gezien wordt.

    Kennis

    Kennis uit de praktijk van de gevolgen van jong ouderverlies is, allang en ruimschoots (bijvoorbeeld bij mijzelf) voorhanden.
    Nu de wetenschap nog.
    Wetenschappers: er ligt hier een schone taak voor u!
    Het is tijd de realiteit van jong ouderverlies onder ogen te zien.
    Laten we samen aan het werk gaan!
    Niet later, maar NU!

    PS:
    Ik begrijp best dat mijn berekening een steenkolenberekening is.
    De realiteit is, dat er niemand is die de realiteit van de gevolgen van jong ouderverlies in cijfers kent.  

  • | |

    De realiteit onder ogen zien

     

     

     

     

    De realiteit onder ogen zien

    Sonja Barend (1941) en Wolf Biermann (1936) zien de realiteit van de levenslange invloed van het vroege verlies van hun vader onder ogen.
    Mamma, wat is er gebeurd met mijn vader?’
    ‘Het ingebakken verdriet om mijn vader is de wet waar ik naar leef.’

    Aan het woord Sonja Barend en Wolf Biermann in interviews over de auto-biografieën die ze geschreven hebben. Twee levens, van een succesvolle vrouw en een succesvolle man. Allebei heel jong hun vader verloren. De Nederlandse Sonja Barend en de Duitse Wolf Biermann. Beider levens hebben in het teken gestaan van het vroege verlies van hun vader.

    De dood hoort bij het leven

    Tegelijkertijd is het boek van Mariken Spuy uitgekomen: Rouw bij kinderen en jongeren. Met dit boek pleit Spuy kinderen vertrouwd te maken met de dood. De dood hoort bij het leven. Dat kunnen kinderen zeker leren.
    Dat geloof ik: de dood hoort bij het leven.
    Maar: een kind hoort geen ouder te verliezen. Een kind heeft haar/zijn ouder nodig.

    Onder ogen zien

    Altijd weer mis ik – bij welke ‘rouwdeskundige’ dan ook als het gaat om kinderen die een ouder verliezen – de link naar volwassenheid. Naar de volwassenen die als kind een ouder hebben verloren door de dood. Naar Verlaat Verdriet-ers dus.

    Niet alleen kinderen moeten de realiteit van de dood onder ogen leren zien (veel Verlaat Verdriet-ers geven overigens aan dat als kind zeker gedaan te hebben, terwijl het de volwassenen in hun omgeving waren die nog steeds om de dood heen draaiden) – minstens zo belangrijk en minstens zo noodzakelijk is het onder ogen zien van de realiteit van het menselijk tekort. Want: vele malen invloedrijker op het verdere leven van het kind.
    Dus: onder ogen leren zien van die realiteit.
    De realiteit van het menselijk tekort.
    Door alle betrokkenen.
    Toen en nu.

    Het menselijk tekort

    Het menselijk tekort van de overgebleven ouder die, zelf zwaar beschadigd, verder moet zien te gaan. Ongewenst, door tussenkomst van de dood, alleenstaand ouder en alleenstaand opvoeder geworden. ‘Op het moment dat de ouder daar het minst toe in staat is, wordt het meest van haar/hem gevraagd. Dat is een bovenmenselijke taak’. Woorden van deze strekking las ik jaren geleden van een psychiater die zowel kinderen als volwassenen in behandeling had. Een psychiater die wel de doorgaande lijn van jong ouderverlies onder ogen zag.

    Slechts 20%

    Vierenzestighonderd kinderen verliezen in hun jeugd een ouder door de dood. ‘Slechts 20% van deze kinderen houdt psychische klachten na het overlijden’, aldus mevrouw Spuy. Dat betekent: 1.280 kinderen.
    Laten we de berekening van mevrouw Spuy hier op deze plek het voordeel van twijfel geven.
    Laten we kijken naar de leeftijd van Sonja Barend (76) en Wolf Biermann (81). De gevolgen van jong ouderverlies zou je levenslang kunnen noemen. In elk geval: zij geven dat zelf aan. Niet onbelangrijk, lijkt me.
    Laten we uitgaan van Verlaat Verdriet-ers tot aan de leeftijd van 95 jaar.
    Laten we hier een kleine berekening maken: van 20-95 jaar (Verlaat Verdriet gerekend vanaf 20 jaar) = 75 x 1.280 = 96.000.
    Dat zou kunnen betekenen dat 96.000 volwassen Nederlanders op de één of andere manier de levenslange invloed van het vroege verlies van de ouder zouden kunnen voelen.
    Zelf vermoed ik dat je met het aantal van 96.000 de realiteit bij lange na niet onder ogen ziet.
    Maar zelfs als je dat wel doet: zo’n aantal kun je toch niet ‘slechts’ noemen?

    De realiteit onder ogen zien

    Je kunt niet voorkomen dat kinderen als volwassene worstelen met de gevolgen van het vroeg verlies van hun ouder(s).
    Je kunt wel voorkomen dat ze blijven worstelen omdat Verlaat Verdriet – de gevolgen van jong ouderverlies – niet gehoord en gezien wordt.

    Kennis

    Kennis uit de praktijk van de gevolgen van jong ouderverlies is, allang en ruimschoots (bijvoorbeeld bij mijzelf) voorhanden.
    Nu de wetenschap nog.
    Wetenschappers: er ligt hier een schone taak voor u!
    Het is tijd de realiteit van jong ouderverlies onder ogen te zien.
    Laten we samen aan het werk gaan!
    Niet later, maar NU!

    PS:
    Ik begrijp best dat mijn berekening een steenkolenberekening is.
    De realiteit is, dat er niemand is die de realiteit van de gevolgen van jong ouderverlies in cijfers kent.  

  • | |

    Leven in de schaduw van zelfdoding

    Leven in de schaduw van zelfdoding

    Mogelijk verloor je in je jeugd je ouder als gevolg van zelfdoding.
    Mogelijk deed je ouder verschillende pogingen tot het definitieve einde daar was.
    Een dreiging die overal in zat. Die constant aanwezig was.

    Ook als je weg was, was er altijd de vraag: hoe vind ik haar/hem als ik weer thuiskom?
    Mogelijk was jij degene die je ouder na haar/zijn dood vond.
    Leven in de schaduw van zelfdoding.

    Onveilig

    Altijd was er die onveiligheid. Dat tekort aan geborgenheid. Niet alleen door de dreiging die uitging van de ouder die een einde maakte aan haar/zijn leven. Ook je andere ouder kon niet naar behoren functioneren. Ook je andere ouder raakte aangetast door de (langdurige) situatie.
    Je paste je aan.
    Je probeerde zo weinig mogelijk overlast te bezorgen.
    Je ging zorg dragen voor jouw ouder(s), in plaats van de zorg te krijgen die jij als kind van je ouder(s) hoorde te krijgen.
    Gevoelens van schaamte, machteloosheid, verdriet, boosheid, schuld gingen deel uitmaken van je leven.

    Taboe

    Met wie kon je praten over wat er bij jou thuis gebeurde?
    Waar moest je heen?
    Naar wie kon je toe?
    Wie ving jou op?
    Wie zag wat er bij jou thuis gaande was?
    Wie zorgde er voor jou?

    Schaduw

    Wat betekende het voor jou dat je ouder de verantwoordelijkheid voor de pogingen tot zelfdoding in jouw schoenen schoof? Niet alleen omdat jij dat zo voelde of dacht, maar omdat dat in de werkelijkheid gebeurde.
    Uit ervaring kan ik hier iets over zeggen. In mijn geval was het de tweede vrouw van mijn vader die in ernstige mate suïcidaal was. De ‘schuld’ kreeg ik wel in mijn schoenen geschoven.
    Ik weet waarover ik praat als ik het heb over de dreiging.
    De onveiligheid.
    De beschuldiging dat het aan jou ligt.
    Uit ervaring kan ik zeggen: bevrijd je van die last.
    Kom uit de schaduw van de zelfdoding gvan je ouder.
    Nu.
    Het is tijd voor je.

    Belast

    Tot op de dag van vandaag kun je je belast voelen met de gevolgen. Niet alleen door het verlies van je ouder, maar ook door de wijze waarop je ouder overleed.
    Een last die niet thuishoort op jouw schouders.

    Last

    Het was niet jouw schuld dat je ouder het leven niet meer aankon.
    Het is niet jouw schuld dat je ouder ervoor koos uit het leven te stappen.

    Bevrijden

    Het leven en het lijden van je overleden ouder was haar/zijn verantwoordelijkheid.
    Toen.
    En nu.
    Zoek hulp bij het je bevrijden van deze ondragelijke last die jou verhindert voluit te leven.
    Van deze last die niet op jouw schouders hoort.

    Je bent het waard!