• | | | | |

    Verlaat Verdriet-symposium: we gaan het doen!

    ‘We gaan het doen!’

    Maandag 29 april 2024. Maria de Greef, Carin Wormsbecher en ik zijn een stief half uurtje samen als we elkaar aankijken. Besluiten. ‘We gaan het doen.’ In 2027 werkten we samen met een mooie groep Verlaat Verdriet-ervaringsgenoten aan symposium ZEER, symposium voor en door Verlaat Verdriet-ers. Nog altijd komen reacties naar ons toe van deelnemers van toen. ‘Wat een bijzonder symposium.’ ‘Wat een mooie dag.’

    Al in 2017 bedachten we het. Er moet ook een Verlaat Verdriet-symposium komen voor hulpverleners. Er is meer tijd overheen gegaan dan we toen dachten. Maar gisteren zaten we bij elkaar. En besloten: ‘we gaan het doen!’
    Een Verlaat Verdriet-symposium voor hulpverleners waarin ervaringsdeskundigheid centraal staat. Welke kennis en welke kunde hebben hulpverleners nodig om veilig en adequaat met Verlaat Verdriet-ers te kunnen werken. Wat kunnen hulpverleners van ons leren. Wat kunnen wij hulpverleners leren.

    Datum

    De datum die we hebben geprikt is vrijdag 1 november 2024. We streven ernaar op die dag een even mooi en bijzonder symposium aan te bieden als symposium ZEER in 2017 en symposium VADER met Ap Dijksterhuis op 2 maart 2024.

    Programma

    De eerste acties zijn inmiddels op touw gezet. Professor dr. en ervaringsgenoot Ap Dijksterhuis gemaild om te vragen of hij ook bij dit komende symposium spreker wil zijn. Zijn onmiddellijke antwoord; JA. GRAAG! Komende maandag overleg ik met Els over de inhoud van het programma. Mogelijk schuift Tamar dan ook aan. Ook haar act HERLEEF zal deze keer deel uitmaken van het programma. Binnenkort overleg ik met Jolanda over een ander bijzonder deel van het mogelijke programma. Stephanie: we hopen dat we ook deze keer weer kunnen rekenen op jouw onvermoeibare aandeel in de organisatie van de dag.

    Vraag aan jou

    Ook dit symposium kan niet slagen zonder de inbreng van ervaringsgenoten. Van Verlaat Verdriet-ers zelf dus. Als Verlaat Verdriet-er heb je mogelijk ervaring met een of meer hulpverleners. Dat kan zijn positieve ervaringen. Dat kan ook zijn negatieve ervaringen. Mogelijk sta je al te popelen om hulpverleners die jij kent, of hulpverleners in jouw omgeving attent te maken op dit symposium. En op de waarde die dit symposium voor haar/hem/hun kan hebben. Wat heb jij nodig van ons om deze hulpverleners te benaderen? Stuur alsjeblieft jouw mailtje met vragen, tips, suggesties naar info@verlaatverdriet.nu  Wij zullen er zorgvuldig mee omgaan, en er heel blij mee zijn!

  • | |

    Kun je ooit nog geloven…..

    In het begin van mijn Verlaat Verdriet-werk organiseerde ik een paar keer een themadag met de titel: Kun je ooit nog geloven dat de dingen ook goed kunnen gaan? Kun je ooit nog geloven dat de dingen ook goed kunnen gaan als je zo vroeg als wij hebt meegemaakt dat de dingen niet goed gingen? Helemaal niet goed? Als er een innerlijke breuk is ontstaan in je leven, een ruptuur, door het vroege verlies van je ouder die je (bijna) niet meer hebt kunnen overbruggen?
    Mijn moeder werd ziek toen ik een jaar of zes was. Werd opgenomen in het ziekenhuis. Kon niet mee op vakantie. Ik miste haar. Ik miste haar zo verschrikkelijk dat ik besloot haar nooit meer te missen. Paste me aan. Zo goed en zo kwaad als dat ging.
    Mijn moeder overleed. Acht jaar was ik. Ik had al besloten haar niet meer te missen. Paste me aan. Zo goed en zo kwaad als dat ging.
    Er kwamen tantes. Oma’s. Nichten. Mevrouwen. Huishoudsters. Om ons te helpen. Op te passen. Ik paste me aan. Zo goed en zo kwaad als dat ging.
    Mijn vader trouwde met een nieuwe vrouw. Ik kreeg een nieuwe moeder. Maar ik wilde helemaal geen nieuwe moeder. Ik paste me aan. Zo goed en zo kwaad als dat ging.

    Tegenslagen incasseren

    Kortom: vanaf mijn vroege jeugd had ik geleerd tegenslagen te incasseren. Me aan te passen aan situaties die ik niet wilde. Die niet goed waren voor mij. Maar die zich wel aandienden. Overleefkracht heet dat, denk ik. Er het beste maar van zien te maken. Ik moest me zien te redden. Alleen. Altijd hield ik er rekening mee. Natuurlijk komt het niet goed. Je kunt je als Verlaat Verdriet-er hier ongetwijfeld je eigen situaties bij voorstellen.

    Kun je ooit nog geloven dat de dingen ook goed kunnen gaan?

    Kun je ooit nog geloven dat de dingen ook goed kunnen gaan? Op het moment word ik er stevig mee geconfronteerd. Er doet zich een nieuwe situatie voor in ons project in Codiponte. Ik heb er gisteren een blog over geschreven. Ineens, heel onverwacht, gaan de dingen goed. Sinds een paar dagen voel ik wat dat met mij doet. Hoe mijn hele systeem zich roert. JA, ik zie dat de dingen ook goed kunnen gaan. Het geniepige als- het- mis- gaat- moet- ik- dat- kunnen -incasseren-stemmetje snerpt zo nu en dan nog door me heen. Maar tegelijkertijd voel ik de positieve energie van het vertrouwen dat de dingen ook goed kunnen gaan. Een leven lang heb ik geleefd met het diepe gevoel dat de dingen nooit goed kunnen gaan. Heb ik me schrap gezet. Me erop voorbereid de volgende klap te incasseren. Nu voel ik een diepe overtuiging: er zullen nog een heleboel praktische zaken te overwinnen zijn. Maar dat doen we wel samen. Het gaat goedkomen. Het is al goed.

  • | |

    Kun je ooit nog geloven…..

    In het begin van mijn Verlaat Verdriet-werk organiseerde ik een paar keer een themadag met de titel: Kun je ooit nog geloven dat de dingen ook goed kunnen gaan? Kun je ooit nog geloven dat de dingen ook goed kunnen gaan als je zo vroeg als wij hebt meegemaakt dat de dingen niet goed gingen? Helemaal niet goed? Als er een innerlijke breuk is ontstaan in je leven, een ruptuur, door het vroege verlies van je ouder die je (bijna) niet meer hebt kunnen overbruggen?
    Mijn moeder werd ziek toen ik een jaar of zes was. Werd opgenomen in het ziekenhuis. Kon niet mee op vakantie. Ik miste haar. Ik miste haar zo verschrikkelijk dat ik besloot haar nooit meer te missen. Paste me aan. Zo goed en zo kwaad als dat ging.
    Mijn moeder overleed. Acht jaar was ik. Ik had al besloten haar niet meer te missen. Paste me aan. Zo goed en zo kwaad als dat ging.
    Er kwamen tantes. Oma’s. Nichten. Mevrouwen. Huishoudsters. Om ons te helpen. Op te passen. Ik paste me aan. Zo goed en zo kwaad als dat ging.
    Mijn vader trouwde met een nieuwe vrouw. Ik kreeg een nieuwe moeder. Maar ik wilde helemaal geen nieuwe moeder. Ik paste me aan. Zo goed en zo kwaad als dat ging.

    Tegenslagen incasseren

    Kortom: vanaf mijn vroege jeugd had ik geleerd tegenslagen te incasseren. Me aan te passen aan situaties die ik niet wilde. Die niet goed waren voor mij. Maar die zich wel aandienden. Overleefkracht heet dat, denk ik. Er het beste maar van zien te maken. Ik moest me zien te redden. Alleen. Altijd hield ik er rekening mee. Natuurlijk komt het niet goed. Je kunt je als Verlaat Verdriet-er hier ongetwijfeld je eigen situaties bij voorstellen.

    Kun je ooit nog geloven dat de dingen ook goed kunnen gaan?

    Kun je ooit nog geloven dat de dingen ook goed kunnen gaan? Op het moment word ik er stevig mee geconfronteerd. Er doet zich een nieuwe situatie voor in ons project in Codiponte. Ik heb er gisteren een blog over geschreven. Ineens, heel onverwacht, gaan de dingen goed. Sinds een paar dagen voel ik wat dat met mij doet. Hoe mijn hele systeem zich roert. JA, ik zie dat de dingen ook goed kunnen gaan. Het geniepige als- het- mis- gaat- moet- ik- dat- kunnen -incasseren-stemmetje snerpt zo nu en dan nog door me heen. Maar tegelijkertijd voel ik de positieve energie van het vertrouwen dat de dingen ook goed kunnen gaan. Een leven lang heb ik geleefd met het diepe gevoel dat de dingen nooit goed kunnen gaan. Heb ik me schrap gezet. Me erop voorbereid de volgende klap te incasseren. Nu voel ik een diepe overtuiging: er zullen nog een heleboel praktische zaken te overwinnen zijn. Maar dat doen we wel samen. Het gaat goedkomen. Het is al goed.

  • | |

    Als je je afvraagt: maar waar is de ziel?

    Uitgeversboek

    Steeds vaker overvalt me bij het lezen van een roman het gevoel: volgens mij zit ik alweer een ‘uitgeversboek’ te lezen. Met ‘uitgeversboek’ bedoel ik een roman waarin ik al lezend het gevoel krijg dat de invloed van de uitgever wel heel erg groot is geweest. Romans die technisch gezien kloppen. De vorm is oké. Er is serieuze research gedaan. De inhoud klopt. Boeken waarvan ik al lezend steeds meer het gevoel heb een boek te lezen van de beste leerling van de (creatieve) schrijfcursus. Ja – het voldoet aan eisen die je aan een boek kunt stellen. Aan de eisen die verkoopcijfers stellen is optimaal tegemoet gekomen. Het boek kan de wereld in.

    Maar waar is de ziel?

    Wetenschap

    Is dat vergelijkbaar met waar ik bij wetenschappers die zich hebben gespecialiseerd in verlies en rouw vaak zo’n moeite mee heb? Technisch gezien kan je er misschien geen speld tussen krijgen. Klinisch gezien klopt het wel. De cijfers kloppen (of als ik cynischer ben: lijken te kloppen op cijfers die al eerder zijn vastgesteld door andere wetenschappers). De vorm is oké. De statistieken zijn naar behoren ingezet. Aan de eisen van wetenschappelijk onderzoek is voldaan. De wetenschapper is geslaagd. Aan die mores is voldaan. De wetenschapper kan de wereld in.

    Stabiele omgeving

    Gelukkig slagen de meeste kinderen erin op eigen kracht het verlies van hun ouder(s)te verwerken‘ is een nogal hardnekkige opvatting bij wetenschappers. Veerkracht noem je dat. Overleefkracht is wat het in werkelijkheid is. ‘Kinderen die een ingrijpende (traumatische) ervaring meemaken hebben behoefte aan een stabiele omgeving‘. Dit citaat van een wetenschapper die zich heeft gespecialiseerd in kinderen, verlies en rouw las ik onlangs. Daar heeft ze ongetwijfeld wetenschappelijk bewezen gelijk in. Geen speld tussen te krijgen. Maar: wat denk je wat er gebeurt in de stabiele omgeving van een kind dat haar/zijn ouder(s) verliest? Wat denk je wat zo verschrikkelijk kapot gaat bij jong ouderverlies?
    Begrijp je dan in essentie wel wat je beweert over kinderen die in hun gezin van herkomst een ingrijpend, onomkeerbaar verlies lijden? Ook al heb je al studerend nog zoveel wetenschappelijk verantwoorde kennis opgedaan?

    Waar is de ziel?

    Academisch gezien zullen wetenschappers hun gelijk kunnen bewijzen. Maar wat heb je als kind aan de bewering dat ‘kinderen een stabiele omgeving nodig hebben’ als nou juist die stabiele omgeving zo ingrijpend is verwoest dat je niet eens kunt weten hoe groot die verwoesting in werkelijkheid is? En vervolgens: wat heb je als Verlaat Verdriet-er aan die kennis?

    Wat heb je aan wetenschappelijke kennis als die kennis geen ziel heeft?
    Als je je afvraagt: maar waar is de ziel?