• | | | | | |

    2014: Geplande nieuwe Verlaat Verdriet-titels

    Ellen, wil je samen met mij een boek over Verlaat Verdriet en verlate rouw bij Verlaat Verdriet uitbrengen?’ Voorjaar 2013 leerde ik Ellen Vogel kennen. Freelance journalist en ghostwriter van haar vak.
    Het klikte meteen tussen ons.

    Vorige week was ik op Terschelling aan het werk aan mijn nieuwe cursus De kunst van het losmaken toen ik ineens bedacht: NU! NU stuur ik een app-je naar Ellen om aan haar te vragen ‘Ellen, wil je samen met mij een boek over Verlaat Verdriet en verlate rouw bij Verlaat Verdriet uitbrengen?’
    Onmiddellijk kwam Ellen’s antwoord: JA.
    En we zijn aan het werk!
    Een nieuwe titel.
    Een nieuwe opzet voor het boek.
    Werkverdeling: Ellen schrijft. Ik lever kennis aan.

    Inmiddels al een aantal jaren geleden bracht ik mijn Verlaat Verdriet (Ver)Werkboek uit. Eigenlijk was mijn planning voorafgaand aan het (Ver)Werkboek een algemener boek uit te brengen over Verlaat Verdriet en verlate rouw. (Waar gaat Verlaat Verdriet eigenlijk over? Welke gevolgen van jong ouderverlies kom ik in mijn werk altijd weer te tegen? Welke kenmerken? Welke invloeden? Enzovoort, enzovoort).
    Toen, in die tijd, lukte me dat niet. Ik begrijp nu de oorzaak daarvan. In de tijd dat het ik het (Ver)Werkboek uitbracht, had ik ruimschoots de nodige kennis, maar had ik mijn kennis van de gevolgen van jong ouderverlies nog niet zodanig ‘geïncarneerd’ dat ik daar een even beschrijvend, gemakkelijk toegankelijk boek als een goed gefundeerd boek van kon samenstellen.

    De Amor Fati-reeks is weer een verdiepende stap, aanvullend aan het (Ver)Werkboek.  Je zou dus kunnen zeggen II – het (Ver)Werkboek en III – de Amor Fati-reeks – waarvan het eerste boek Teruggaan, om verder te kunnen reeds verschenen is, zijn er al. Beetje gek, maar I, het algemenere boek, ontbrak nog steeds.

    Daar gaan we dus nu drastisch verandering in brengen. Ellen en ik concipiëren samen Boek I, dat – naar planning – eind 2014 gaat verschijnen.
    En zie: nu we samen aan het werk zijn en bezig zijn de synopsis voor dit nieuwe boek te schrijven, valt er voor de Amor Fati-reeks ineens iets op z’n plek.
    Nu kan ik verder kan met het voorbereiden en schrijven aan een volgend deeltje van deze reeks. De volgorde in het uitgeefplan van deze reeks verandert, en ineens is de blokkade die ik voelde weg. Het tweede deeltje (dat ik inmiddels al drie keer heb geschreven en waarover ik  nog steeds ontevreden ben) gaat naar een andere plaats. En later gepland deeltje schuift naar voren.
    Zo simpel kan het zijn!

    Voor 2014 dus: nieuwe plannen voor twee nieuwe boeken bij Uitgeverij Funale.

    En: Ellen – geweldig om dit samen te doen!

  • | | | |

    Gedicht van Maria

    Gisteren stuurde Maria mij het gedicht dat ze heeft gemaakt naar aanleiding van mijn Blog van 17 september 2013: Familiegeheim, een film van Jaap van Hoewijk

    ‘Ik heb zo’n last gehad van die dooie vader’
    Jaap van Hoewijk

     

    Gedicht van Maria

    Ik heb zo’n last gehad van
    het overlijden van ons mam
    Omdat door haar sterven alle zorg
    voor ons thuis op mij neerkwam

    Ik heb zo’n last gehad van
    het onnoemelijke grote verdriet
    Omdat ons mam mij, door haar doodgaan,
    met een enorme verantwoordelijkheid achterliet

    Ik heb zo’n last gehad van
    altijd dat moeten zorgen
    Nooit meer die vrolijke puber
    of een onbezorgde morgen

    Ik heb zo’n last gehad van
    het altijd alleen thuis zijn
    Ik kon dit met niemand delen
    en mijn wereld werd zo klein

    Ik heb zo’n last gehad van
    dat ik niet meer naar school mocht gaan
    Ik wou zo ontzettend graag verder leren
    voor een mooie, bij mij passende, baan

    Ik heb zo’n last gehad van
    mijn eigen persoonlijke identiteit
    Want in de loop der jaren
    raakte ik mezelf helemaal kwijt

    Ik heb zo’n last gehad van…
    En nog steeds doet het leven pijn
    Waarom kan ik niet gewoon
    een vrolijke en spontane vrouw zijn?

    Maria
    woensdag 25 september 2013

  • |

    Autist of gewoon: heel erg verlegen?

    In de tuin van mijn buurvrouw is een jongen aan het werk. Een jaar of 15, VWO-leerling. ‘Hij heeft een vorm van autisme’, vertelde mijn buurvrouw onlangs. Vanochtend kwam deze jongen ook even bladblazen in mijn tuin. Ik liep naar buiten, om hem bij voorbaat te bedanken voor z’n werk. Hij zei weinig terug, en keek me niet aan. Even later stond hij nogal veel bladresten met zijn handen bijeen te vegen. Ik gaf hem een bezem en een veger en blik: erbij zeggend: ‘Dan gaat het vast sneller en beter’. ‘Ja’, zei hij mompelend terug.

    ‘Oh ja, autisme, da’s waar ook’, dacht ik in een flits. Om vervolgens ineens mezelf te zien. Vijftien jaar. Altijd verlegen geweest. Heel erg verlegen zelfs. Na de dood van mijn moeder – toen ik 8 was – werd die verlegenheid erger en erger. Ik trok me terug in mezelf en vond contact met andere mensen lastig. Ik ging het liever uit de weg. Als kind vroeg ik me wel eens af of ik mensenschuw was.

    Wat zou er met mij zijn gebeurd in de tijd van nu? Hoe zou daar nu over gedacht worden? Zou ik ook zo’n soort stempel hebben gekregen?
    ‘Mag je als kind eigenlijk nog wel heel gewoon heel erg verlegen zijn?’ vraag ik me af, de bezem en veger & blik intussen weer in m’n handen. Verlegenheid kun je overgroeien. Mij is het (grotendeels) gelukt. Niet gemakkelijk, maar ik heb er veel van geleerd. Het stempel ‘autist‘ draag je levenslang met je mee. Daar kom je niet meer vanaf.
    Verlegen. Heeft een kind eigenlijk nog het recht om gewoon verlegen te zijn? Ook als je héél erg verlegen bent?