• | | | | | | | | | | |

    Kracht en kwetsbaarheid

     

     

     

     

     

     

    ‘Volwassenen die in hun jeugd een ouder hebben verloren door overlijden,
    hebben aangetoond dat ze onder moeilijke omstandigheden groot hebben kunnen worden.’

    Jaren geleden werden deze woorden tegen me gezegd. Ze liggen vers in mijn geheugen. Regelmatig grijp ik de kans ze door te geven aan mede-Verlaat Verdriet-ers.
    ‘Volwassenen die in hun jeugd een ouder hebben verloren door overlijden,
    hebben aangetoond dat ze onder moeilijke omstandigheden groot hebben kunnen worden.’

    Stoer

    Zo vaak kom ik het tegen bij Verlaat Verdriet-ers: de angst ervan beschuldigd te worden dat ze ‘in hun slachtofferrol blijven hangen’.
    Die beschuldiging is wel zo ongeveer het laatste wat je wilt horen.
    Alles liever dan dat.
    Dan maar liever jezelf overschreeuwen.
    Je stoer houden.
    Niemand laten zien hoe kwetsbaar je eigenlijk van binnen bent. Hoe je, voor je gevoel, bij het minste of geringste omver geblazen kunt worden.
    IK BEN GééN SLACHTOFFER‘ 

    Jong ouderverlies

    Op het moment dat je als kind je ouder verliest, verandert je hele leven.
    Voorgoed.
    Door een invloed van buitenaf.
    Een invloed van buitenaf (het lot, of: de dood in dit geval) waar jij geen invloed op had.
    Je stond aan de kant, en kon niets uitrichten tegen die kracht – de dood.

    Dat is slachtoffer zijn.
    Dit moment van slachtoffer zijn, van ondergeschikt zijn aan een kracht van buitenaf die vele malen groter was dan jij, kan je een levenslang gevoel van machteloosheid hebben bezorgd.

    Slachtoffer

    Er gebeurt iets.
    (Of je denkt dat er iets zal gaan gebeuren!)
    Er overkomt je iets, waar je je niet tegen opgewassen voelt.
    Het overkomt je.
    Je hebt het gevoel dat je niets kunt doen.

    Dat is gevoel van machteloosheid.
    Verlaat Verdriet-ers kunnen gemakkelijk overvallen worden door die gevoelens van machteloosheid.

    Goed nieuws

    Je was slachtoffer van omstandigheden waar je geen invloed op had.
    Het goeie nieuws is: je hoeft geen slachtoffer te blijven.
    Maar
    Daarvoor is het in de eerste plaats nodig dat je erkent dat je het was.
    Slachtoffer.

    Kwetsbaarheid

    Het verlies van je ouder is een verschrikkelijke aanslag geweest op je incasseringsvermogen.
    Je incasseringsvermogen – het incasseringsvermogen van het kind dat je toen was – is op dat moment overbelast.
    Is stuk gegaan.
    Dat betekent dat de kans groot is, dat je een levenslange kwetsbaarheid overhoudt aan die gebeurtenis van toen: het verlies van je ouder.

    Kracht

    Die kwetsbaarheid erkennen, erkennen dat je slachtoffer was, is het begin van heling.
    Je was slachtoffer, maar je hoeft het niet te blijven.
    Draag je kwetsbaarheid met ere.
    Dat is kracht.

    Herinner jezelf regelmatig aan deze woorden
    ‘Volwassenen die in hun jeugd een ouder hebben verloren door overlijden,
    hebben aangetoond dat ze onder moeilijke omstandigheden groot hebben kunnen worden.’

    Geef jezelf een innerlijk beeld cadeau, waarin kracht en kwetsbaarheid in één oogopslag zichtbaar zijn en draag dat altijd bij je.
    Voor mijzelf is dat de Klaproos.
    En voor jou?

  • Verlaat Verdriet Veranderkracht

    ‘Oh, je bent rouwbegeleider’, hoor ik vaak mensen zeggen als ik ze antwoord geef op de vraag ‘Wat doe jij eigenlijk voor werk?’ Altijd voel ik dan meteen een NEE. En vervolgens natuurlijk toch een JA, want een verlaat rouwproces is een rouwproces en iemand die zo’n proces begeleidt is (ook) rouwbegeleider. Waarom dan toch altijd weer die innerlijke  NEE?

    Is dat omdat ik zo weinig affiniteit voel met de wereld van de professionele rouwbegeleiding? De wereld van moeten, van de verwerkdwang die voort is gekomen uit de lineaire tijdsopvatting? De wereld van de sentimenten? Van de rouwparafernalia? Van de clichés?

    Is dat omdat ik (nog steeds) zo weinig erkenning hoor en zie voor het feit dat het verlies van een ouder in je kindertijd een primordiaal verlies is, een verlies van de eerste orde? Omdat ook in de professionele rouwwereld nog altijd de opvatting lijkt te heersen dat het verlies van een kind voor een ouder van een andere orde is dan het verlies van een ouder in je kindertijd?

    Is dat omdat ik in die wereld nog altijd onvoldoende (h)erkenning zie voor de gevolgen van jong ouderverlies? Omdat ik vind dat Verlaat Verdriet nog altijd onvoldoende recht wordt gedaan?

    Ook.

    Maar:

    In mij is nu ook het weten dat een verlaat rouwproces veel meer en veel omvangrijker is dan alleen een rouwproces. Een verlaat rouwpoces gaat ook – en eigenlijk vooral – om het aanbrengen van veranderingen in wie je bent geworden als gevolg van het vroege verlies van je ouder. In je identiteit, dus.

    Veranderkracht

    Vorige week viel mijn oog op het woord veranderkracht.

    Dat is het.

    Een verlaat rouwproces vraagt niet alleen de moed om te rouwen om een verlies dat al lang geleden heeft plaatsgevonden, een verlaat rouwproces vraagt vooral moed om veranderingen in jezelf aan te brengen, en de kracht om jezelf steeds weer te verleiden die veranderingen tot een goed einde te brengen.

    Veranderkracht.

    Verlaat Verdriet Veranderkracht.

  • Ontwikkelingsdiscrepantie

    Werk dat gebaseerd is op ondervinding en ervaring – experience based werk – is een heel bijzondere manier van werken. Zeker als je, zoals in mijn geval, pioniert. ‘Ik ben bezig Verlaat Verdriet idioom te geven‘ geef ik vaak ten antwoord als mensen me vragen wat voor werk ik doe en wat mijn werk inhoudt. Woorden en begrippen zoeken voor ervaringen en gevoelens die verband houden met de gevolgen van jong ouderverlies. Woorden en begrippen die voortkomen uit ondervinding en ervaring in plaats van uit (theorie)boeken.

    Een proces dat mij op veel verschillende manieren bezig houdt. Een boeiend proces ook. Soms ineens is er een woord dat ik zou willen gebruiken. Helemaal bevredigend is zo’n woord of begrip soms niet. Hoe kom ik eigenlijk aan dat woord? Waar komt het vandaan? Bestaat het wel? Bestaat het niet? Is het jargon? Jargon uit de psychiatrie? Uit de psychologie?

    Op een dag duikt zo’n woord in me op. Soms ’s ochtends vroeg al als ik wakker word. Ineens is het er. Maar wil ik er iets mee?  Kan ik er iets mee? Klopt het? Wil ik het gebruiken? Is het een goed woord? Is het een woord dat de potentie heeft om te ‘incarneren’? Een woord dat ergens voor staat? Dat ergens voor kan gaan staan? Dat je je eigen maakt en dat op een dag deel uit maakt van je woordenschat?

    Soms zakt zo’n woord weer weg. Soms zo ver weg dat ik me van het bestaan ervan niet eens meer bewust ben. En dan, soms een jaar of langer later, is het er weer en dan moet ik er echt iets mee.

    Ontwikkelingsdiscrepantie is zo’n woord. Bestaat het? Is het een gangbaar woord? Even Googlen en het eerste antwoord is er: nee, het is geen gangbaar woord. Kan ik het gebruiken dan?

    Ruptuur

    “Ik was ineens kind af.”

    “In één klap was mijn jeugd voorbij.”

    “Er was voor altijd een ervoor en een erna.”

    Deze – en vergelijkbare opmerkingen – kun je vaak horen van Verlaat Verdriet-ers. Ineens. Abrupt. Geen kind meer. Emotioneel bleven veel Verlaat Verdriet-ers in meerdere of in mindere mate stilstaan na de ruptuur – de onomkeerbare scheiding van de ouder die overleed. Terwijl je tegelijkertijd moest gaan functioneren op een niveau waarvoor je (bij lange na) niet was toegerust. Discontinuïteit, onveiligheid namen de plaats in van geestelijke geborgenheid. Van vertrouwen. In plaats van zorg en aandacht te ontvangen ging je zorg en aandacht geven. Je paste je, door de dood gedwongen, aan je nieuwe omstandigheden aan. De lange eenzame weg, het gevoel dat je altijd alles alleen moet doen nam een aanvang.

    Ontwikkelingsdiscrepantie

    Ontwikkelingsongelijkheid zou je het kunnen noemen, maar zelf geef ik de voorkeur aan ontwikkelingsdiscrepantie. Ontwikkelingsstoornis is een woord, een begrip, dat misschien eerder gebruikt zou worden in de wereld van theorie-gebaseerde professionals. Voor mijn gevoel echter doet het woord ontwikkelingsstoornis onvoldoende recht aan de kracht die Verlaat Verdriet-ers in hun jeugd hebben opgebracht om zich te kunnen handhaven en de kwaliteiten die ze, als gevolg daarvan, hebben ontwikkeld. Ook al zijn die kwaliteiten als je volwassen bent geworden nog zo aan herwaardering toe. In Verlaat Verdriet-verband geef ik dus de voorkeur aan ontwikkelingsdiscrepantie. Zie hier een voordeel van experience-based idioom geven!

     

  • | |

    Fiat

    Teruggaan, om verder te kunnen. Bij de post vind ik de fysieke drukproef van m’n boek. Moet ik nu toch eerst nog een controle uitvoeren? Dat kan niet meer. Het document kan niet nog een keer weer naar Marieke, en dan nog weer naar mij terug. Ik zie het niet meer. Ik wil geen veranderingen meer aanbrengen, ook al omdat ik te goed weet dat een verandering ook weer gecontroleerd moet worden. Die tijd heb ik niet meer. Ik moet er nu maar op vertrouwen dat het goed is. Als gevolg van mijn afwezigheid heb ik gisteren ook de digitale drukproef op mijn computer geopend. Voor het eerst in lange tijd voel ik plezier en opwinding. Hier is mijn boek en het is bijna klaar. Gisteren heb ik het document een paar keer geopend om er naar te kijken. Het ziet er echt goed uit!

    Vandaag besluit ik niet langer te aarzelen. Ik geef mijn fiat aan de drukker. Als alles goed gaat, wordt het boek op 16 september afgeleverd. Waar? Daar heb ik nog niet voldoende bij stil gestaan. Het Verlaat Verdriet (Ver)Werkboek ligt in de opslag. Te veel, te omvangrijk, om thuis te hebben. Maar nu? Kan ik me er een voorstelling van maken hoe de omvang er nu uitziet? Wel een beetje laat om daarover te gaan denken. En wat erger is: ik wil er helemaal niet over denken. Ik schuif het weg. Eerst morgen de laatste trainingsdag van de derde groep van de jaartraining De kunst van het verbinden bij Verlaat Verdriet. De groep die me zo na aan het hart ligt. Met wie ik in het voorjaar de ontdekking van de kanker en mijn angst voor de toekomst heb gedeeld. De laatste dag. Afscheid nemen. Ik wil dat helemaal niet. Tot ik me ineens realiseer dat het bij de kracht van de jaartraining hoort dat er een einde aan komt. En dat is morgen. En dat is goed. Ik kan me daar zelfs op verheugen. Het is zo’n mooi trainingsjaar geweest. Er is zo mooi gewerkt. Er heeft zoveel kunnen gebeuren met de individuele deelnemers en ook met de groep. Deze laatste dag sluiten we af met rituelen die de deelnemers uitvoeren. Het merendeel van hen heeft al laten weten hoe haar ritueel eruit zal gaan zien. Ik verheug me echt op morgen.