• | | | | | | | | | | |

    Lezing

    Vorige week woensdag, 2 november 2016, de Verlaat Verdriet-lezing in Groningen Stad. Georganiseerd in samenwerking met ervaringsgenoten. En dat is zo fijn!
    Els Pronk, ervaringsgenote en onder meer medewerkster van cursuscentrum De Poort, zorgde voor de samenwerking met De Poort: de prettige ruimte die voor ons beschikbaar was en de PR via De Poort.
    Irene zorgde voor de PR, met name via de social media.
    Theo zorgde voor alle randvoorwaarden van die avond: de opstelling van de zaal, thee/koffie, en na afloop het opruimen.
    Els, Irene en Theo: dank jullie wel!

    Groningen

    En dan in Groningen! Ik kom, ook al ben ik inmiddels zo’n 40 jaar geleden vertrokken uit Groningen, toch ook altijd weer thuis.
    Tussen de Groningers.
    Tussen het Gronings.
    Rond de dertig mensen kwamen naar de lezing.
    Verlaat Verdriet-ers.
    Verlaat Verdriet-ers met de overgebleven ouder.
    Elke keer weer een heel bijzondere ervaring om mijn lezing te kunnen doen. Te zien wat het met de aanwezigen doet om te horen wat ik in de loop van vele jaren heb geleerd over de levenslange invloed van het vroege verlies van een ouder. Om die kennis te kunnen delen!

    Opluchting

    ‘Ik kom je bedanken voor de erkenning die jij geeft aan de overgebleven ouder’. Na afloop stapte één van de aanwezigen naar me toe. Moeder van volwassen kinderen.
    Haar erkenning van mijn erkenning doet omgekeerd weer veel met mij. Ik realiseer me eens te meer hoeveel er nog te zeggen en te schrijven valt over de ouder die – veel te jong en ongewenst – overblijft als alleenstaand ouder.

    Loopgenoten

    In de zaal ook een aantal Verlaat Verdriet-ers die ik al ken. Die elkaar al kennen. Bijvoorbeeld via De Loopgenoten. Een mooie gelegenheid om een nieuwe datum te plannen voor een wandeling. Die wandeling gaat plaatsvinden op zondag 27 november 2016. Aanmelden voor deze wandeling doe je via schonemma@ziggo.nl

    Hoorn

    Vanavond de Verlaat Verdriet-lezing in Hoorn. Ook deze lezing hebben we samen georganiseerd: Marjo, Margreet en ik.
    Nog een uurtje, en dan neem ik de trein.
    Ik kijk er naar uit om ook deze avond weer te kunnen delen!

  • | | | | | | | |

    Mijn moeder, cantharellen en ik

     

     

     

     

     

     

    Mijn moeder

    Zelf kan ik me helemaal niets herinneren van mijn moeder.
    Door mijn Verlaat Verdriet-werk weet ik, dat dit geen onbekend fenomeen is bij mensen die – net als ik – rond de acht jaar waren toen ze hun ouder verloren door de dood.
    Wel heb ik heel veel materiële herinneringen aan mijn moeder.
    Mijn vader heeft veel geschreven.
    Hij maakte een herinneringsboekje aan mijn moeder.
    Ik heb heel veel tastbare herinneringen aan mijn moeder.
    Maar in mijzelf: nee.
    Daar niet.
    Ik voel ze niet.

    Cantharellen

    Afgelopen week vroeg ik Verlaat Verdriet-ers via mijn Facebookpagina Verlaat Verdriet Community naar recepten uit hun jeugd. Naar dingen die hun overleden ouder voor ze maakte en die ze lekker vonden. Waar ze goeie herinneringen aan hebben https://www.facebook.com/titialiese.nl/
    ‘Zelf weet ik niets’, dacht ik meteen.
    Ik weet niet hoe mijn moeder kookte.
    Ik weet niet wat ze klaar maakte.
    Zie je wel, ik weet niets.

    Tot de cantharellen me weer te binnen schoten. Al vanaf ik kon lopen ging ik met mijn moeder cantharellen zoeken. Ik zou het nu niet meer kunnen – niet meer durven ook – maar toen, als klein kind, zocht ik ze.
    Plukte ik ze.
    Feilloos.

    Eexterhalte

     

     

     

     

     

     

    Ineens wist ik het weer. De enorme hoeveelheden cantharellen die we plukten. In het bos van de plaats waar we onze vakanties doorbrachten: Grolloo. En in het bos van Eexterhalte. Vooral daar. In Eexterhalte.

    Ineens zag ik het weer voor me.
    De spoorwegovergang.
    Het station van Eexterhalte.
    Het bos waar we al die cantharellen vonden.
    Mijn moeder is daar nooit bij. Haar zie ik niet.
    Ik ben wat gaan googlen, en warempel. De plaatjes die ik vond kloppen op mijn herinneringen.

    Ik

    Ik weet het. Mijn moeder bakte ze. Soms met mijn ‘hulp’.
    Mijn moeder zie ik niet.
    Maar de herinneringen aan het plukken van de cantharellen;
    De veiligheid van de nabijheid van mijn moeder;
    De geur van gebakken cantharellen;
    Ja: dat zit allemaal wel in mijn geheugen.
    Bijzonder, dat dat allemaal weer werd aangeraakt door zo’n simpele vraag die ik aan anderen stelde: wat maakte je moeder/ je vader vroeger wat jij heel erg lekker vond?

    Gebakken cantharellen

    En dan die eindeloze hoeveelheid cantharellen, die ’s avonds werden gebakken.

    Cantharellen met tomaten.
    Cantharellen met ui.
    Cantharellen met ei.

    PS

    Eigenlijk vond ik als kind cantharellen wel erg gewoontjes.
    Nee: dan champignons – dat was pas echt deftig!

  • | | | | | | | | | | |

    Sterretje

     

     

     

     

    Hemel

    Vroeger, nog niet zo heel lang geleden, gingen vaders en moeders naar de hemel. Die gedachte zat in de Nederlandse en Belgische – christelijke – cultuur verankerd. Kinderen die in gezinnen groot werden waar deze gedachte werd aangehangen, kregen de boodschap mee: Mama/papa is nu bij onze lieve heer en heeft het daar goed. (Wat overigens niet zo’n heel fijne mededeling was voor kinderen die zelf in een ellendige situatie achter bleven. Maar allà, wie stond daar nou bij stil?!).

    Reïncarneren

    In onze tijd is de reïncarnatie-gedachte in toenemende mate populair geworden. Een gedachte die veel minder ingebed is in onze oorspronkelijke Nederlandse en Belgische cultuur. We denken het, inmiddels tamelijk collectief, maar hebben daar eigenlijk nog niet een beelden- en symbolentaal voor die een plaats heeft gekregen binnen de in Nederland en België overgeleverde manier van denken over leven, sterven en dood.

    In mijn blog van 10 juni 2016 De schone slaapster schreef ik over de eerlijkheid die we tegenwoordig betrachten (proberen te betrachten) als we kinderen vertellen over de dood.
    Over overlijden.
    Over overlijden en dood van moeders en vaders.

    Kinderen

    Kinderen zijn in grote mate afhankelijk van de ideeën die hun ouders hebben over sterven, en een eventueel hiernamaals. Het zijn de ideeën en de verhalen van hun ouders, die de ideeën en gevoelens van kinderen (mee) vorm geven. En die ouders zijn weer in grote mate beïnvloed door de ideeën over leven en sterven in hun tijd, in hun familie, in hun gemeenschap, in hun land.
    Hoe vertel je kinderen over reïncarneren?
    Over reïncarnatie?
    Wat denken we zelf eigenlijk echt over reïncarneren en reïncarnatie?

    Sterretje

    We moeten eerlijk zijn tegen kinderen.
    Maar hoe eerlijk zijn we?
    Mama is nu een sterretje. Als je s’avonds naar de hemel kijkt, dan kun je mama altijd zien. (Papa’s ook??).
    Wat doen we, als we tegen kinderen zeggen: Mama is nu een sterretje?
    Proberen we dan een kind te helpen de verbinding met de mama die er niet meer is levend(ig) te houden?
    Of hebben we toch weer een weg gevonden om de dood (een beetje) te ontkennen?
    Ik weet het niet, maar vraag het me vaak af.  

  • | | | | | | | | | | |

    De schone slaapster: voorbeeld uit de praktijk

     

     

     

     

     

     

    De schone slaapster

    ‘Kijk meiske, hoe schoon jouw mama ligt te slapen’.
    Ik herinner het me nog altijd: de Belgische vrouw die lang geleden deel nam aan een workshop voor ‘Dochters zonder Moeder’. Bij de begrafenis van haar moeder had haar heer-oom dat tegen haar gezegd: ‘Kijk meiske, hoe schoon jouw mama ligt te slapen.’

    Confronterend

    Het kwam hard aan bij haar, tijdens de workshop: onder ogen moeten zien dat haar moeder niet, zoals ze een leven lang diep van binnen was blijven geloven, sliep en dus weer wakker kon worden. Confronterend dat ze onder ogen moest zien wat haar hoofd allang wist: dat haar mama dood was. Dat ze, nu als volwassen vrouw, moest erkennen dat haar moeder dood is. Al heel lang. Dat ze op moest houden te denken dat haar moeder op een dag weer wakker zou worden.
    Dat was veel voor haar. Te veel!

    Tegenwoordig

    Tegenwoordig gaan we daar heel anders mee om.
    We vertellen de kinderen van nu geen sprookjes meer.
    We vertellen de kinderen van nu niet meer ‘Kijk hoe schoon je papa/ je mama slaapt’.
    We vertellen kinderen van nu de volle waarheid.
    Want we weten: kinderen moeten de waarheid horen.
    Tegenwoordig doen we dat veel beter.
    Vinden we.

    Stilstaan

    Maar:
    Hoe vaak staan de volwassenen van nu er bij stil wat die volle waarheid voor een kind betekent?
    Hoe vaak staan de volwassenen van nu er bij stil wat het voor een kind betekent op te moeten groeien zonder de ouder die dood is?
    Hoe vaak staan de volwassenen van nu er bij stil wat dit vroege verlies doet met de ontwikkeling van een kind?
    Hoe vaak staan de volwassenen van nu er bij stil wat dit vroege verlies op de langere termijn voor invloed op ze heeft?
    Wie zijn de volwassenen die daar bij stil staan?

    De naakte waarheid

    En:
    Doen we dat echt tegenwoordig?
    Niets dan de waarheid vertellen?
    De naakte, onbarmhartige waarheid?
    Doen we het echt beter?