• | |

    De mythe van veerkracht, en wetenschappelijk onderzoek

    Wetenschappelijk onderzoek

    ‘Er moet wetenschappelijk onderzoek gedaan worden naar Verlaat Verdriet.’ Ik hoor het vaak van Verlaat Verdriet-ers. En ja: in de eerste jaren van mijn Verlaat Verdriet-werk opperde ik het ook.
    Meer dan vijfentwintig jaar geleden stelde ik het voor aan een wetenschappelijk medewerker van een van de universiteiten. Hij keek me aan en zei: ‘Titia, dat is een veel te groot onderzoek. Dat gaat veel te veel kosten. En er is niemand die dat wil betalen.’ Ik vroeg het aan een hoogleraar, tevens ervaringsgenoot. ‘Ja, dat zouden we moeten doen.’ was zijn antwoord. En kwam er nooit op terug.

    Twee hoogleraren erkenden afgelopen jaar, onafhankelijk van elkaar, volmondig: wij, wetenschappers, hebben dit gebied helemaal laten liggen.’ ‘De problematiek van Verlaat Verdriet-ers is serieuze problematiek.’ zei de ene hoogleraar, tevens ervaringsgenoot, daarover. ‘Ik heb bewondering voor jouw werk’, zei de andere hoogleraar. ‘Daar wil ik graag op voortbouwen.’

    Veerkracht na verlies

    Wetenschappelijk onderzoek naar jong ouderverlies aan de Universiteit van Leiden. Veerkracht na verlies. Ik ken verschillende Verlaat Verdriet-ers die zich hadden aangemeld als respondent voor dit onderzoek. Zij wilden graag bijdragen aan ontwikkeling van wetenschappelijke kennis van de gevolgen van jong ouderverlies op de langere termijn. Bij het lezen van de beschamend oppervlakkige vragen in de vragenlijst die ze per mail ontvingen haakten de eersten al af. ‘Hier werk ik niet aan mee!’ Een andere Verlaat Verdriet-er, orthopedagoog van professie, werkte zich door de vragen heen. Deze Verlaat Verdriet-er wilde per sé uitgenodigd worden voor het aangekondigde interview. Ze meldde zich op de afgesproken tijd voor het  interview. Ergerde zich aan de  onverschilligheid van de interviewster, en het totale gebrek aan diepgang van de vragen. ‘Hier stop ik mee.’ besloot ze, ‘Dit dient geen enkel doel.’ En wandelde binnen een half uur gefrustreerd weer naar buiten.

    Veerkracht

    Het proefschrift is klaar. De onderzoekster is gepromoveerd. Via de app kreeg ik een bijdrage op LinkedIn van twee psychologen. Hun conclusie: Hieperdepiep!! Dankzij de veerkracht van kinderen die jong een ouder verliezen is er geen probleem.

    Wetenschappelijk vastgesteld: wij hebben geen probleem (of ons probleem is: wij hebben geen veerkracht). Wat te doen? Aan de schandpaal? Of deze dames uitnodigen deelnemer te zijn aan ons symposium Teruggaan om verder te kunnen komend voorjaar?

  • | | | |

    Verlate rouw: ons perspectief

    Perspectief op kinderen

    ‘Kinderen zijn zo flexibel.’
    ‘Onderschat de veerkracht van kinderen niet.’
    ‘Kinderen passen zich gemakkelijk aan.’

    Je kent deze waarderende uitspraken vast wel. Observaties van buitenstaanders. Perspectieven van volwassenen op kinderen. Op ons, de kinderen die in hun jeugd hun ouder(s) verloren door overlijden.
    ‘Veerkracht?’ vraag je je af. ‘Gaat dat over mij?’

    Perspectief op volwassenen

    ‘Zit je daar nou nog mee?’
    ‘Hoe lang is dat nu al geleden?’
    ‘Je bent er in blijven hangen.’

    Je kent deze niet-waarderende uitspraken ook vast wel. Observaties van buitenstaanders. Perspectieven van volwassenen op volwassenen. Op ons, Verlaat Verdriet-ers die in hun jeugd hun ouder(s) hebben verloren.
    Ze doen je pijn. Ben je er echt in blijven hangen?

    Perspectief op onszelf

    Waar het in een verlaat rouwproces ook – en eigenlijk vooral – om gaat is het perspectief dat wij op onszelf hebben. Onze waardering voor onszelf. Ons vermogen van onszelf te houden. Geduld te hebben met onszelf. Liefdevolle aandacht te hebben voor onszelf. Onszelf te omarmen. Oneindige liefde te hebben voor onszelf. Onszelf te laten weten dat we onvoorwaardelijk aanwezig mogen zijn.

    Vandaag deelde een Verlaat Verdriet-ster een mooie tekst met me. Op mijn beurt deel ik hem graag met jou.
    Margreet: dank je wel voor dit mooie perspectief.

    As traumatized children
    we always dreamed that someone
    would come and save us.
    We never dreamed that it would,
    in fact, be ourselves, as adults.

    Lezen

    Titia Liese
    Teruggaan om verder te kunnen

    Zien

  • | | | | | | | | |

    De achterkant van veerkracht

     

     

     

     

     

     

    Wat denk jij bij het woord VEERKRACHT?
    Welke associaties roept dat woord bij jou op?

    Zelf betrapte ik me erop dat het woord veerkracht bij mij toch vooral associaties oproept met kracht.
    Met sterk zijn.
    Met jezelf redden.
    Met overleven, dus eigenlijk.

    Veerkracht

    Veerkracht is een woord dat hevig in de mode lijkt te zijn.
    Maar wat is veerkracht nu eigenlijk?
    Niet alleen maar sterk zijn, toch?

    De achterkant van veerkracht

    Er is een achterkant aan veerkracht, realiseerde ik me.
    De achterkant van veerkracht is je kwestbaarheid durven ervaren.
    Je kwetsbaarheid onder ogen durven zien.
    Je kwestbaarheid durven laten zien.

    Je hulpeloosheid durven ervaren.
    Je machteloosheid durven ervaren.
    Je durven realiseren dat je als Verlaat Verdriet-er slachtoffer bent (geweest) van omstandigheden waar je geen invloed op had.

    Onder die kwetsbaarheid ligt je kracht.
    Je veerkracht.
    Veerkracht die uit jezelf komt.
    Je werkelijke kracht.
    Veerkracht uit leven.

  • | | |

    Gat in de weg

    Je met succes aanpassen aan de veranderde omstandigheden lijkt niet alleen een eigentijdse aanname te zijn met betrekking tot verlies & rouw, maar ook een eigentijdse rouw-opdracht. Regelmatig vraag ik me af of degene(n) die een dergelijke ‘rouw-oplossing’ verzint/verzinnen (wie dat zijn: ik heb geen idee) zich ooit één seconde bezighoudt/bezighouden met de reikwijdte – namelijk met de gevolgen op langere termijn- van dit soort opvattingen. Veerkracht. Je met succes aanpassen aan de veranderde omstandigheden.

    Maar wat betekent: je met succes aanpassen aan de veranderde omstandigheden voor kinderen die een ouder verliezen? Heb je je met succes aangepast als de mensen in je omgeving – zoals bijvoorbeeld je overgebleven ouder en/of andere opvoeders – geen last van je hebben? Of heb je je met succes aangepast als niemand meer iets aan je merkt? Terwijl je altijd op je tenen loopt om iedereen tevreden te houden?

    Steeds duidelijker zie ik bij Verlaat Verdriet-ers de consequenties van je met succes aanpassen aan de veranderde omstandigheden. Want dat is wat de vele Verlaat Verdriet-ers die ik heb ontmoet, en met wie ik heb mogen werken, in hun jeugd hebben gedaan. Zich aanpassen. Geen last veroorzaken. Op de overgebleven ouder letten: gaat het wel goed met haar/hem? Zorg op je nemen die je eigenlijk niet kunt dragen. Zorg geven, in plaats van zorg ontvangen. Al je veerkracht in moeten zetten om jezelf in stand te kunnen houden.
    Ik zie volwassen Verlaat Verdriet-ers daar steeds weer in vast lopen. Je altijd weer aanpassen aan omstandigheden die niet goed voor je zijn. Niet om kunnen gaan met grenzen. Jezelf weggeven, zoals je dat al gewend bent te doen sinds de dood van je ouder(s). Met als gevolg dat je geen idee meer hebt van wie je zelf eigenlijk bent.

    Afgelopen vrijdag hebben we (opnieuw) een prachtige laatste dag meegemaakt van de jaartraining De kunst van het verbinden bij Verlaat Verdriet. Ingrid, één van de deelneemsters van deze cyclus, bracht een mooie tekst voor ons mee. Een tekst die ik hier graag met je wil delen. Een tekst dat mij uitnodigde om de laatste strofe (4: ik loop er omheen5: ik loop door een andere straat) – ontwijken: daar zijn Verlaat Verdriet-ers al heel erg goed in – een eigen invulling te geven.
    Graag nodig ik ook jou uit om te reageren op deze Blog en jouw invulling van de laatste strofe te delen met andere lezers. Een invulling die bij jou en bij jouw ervaringen past.

    Gat in de weg

    1)     Ik loop door een straat.
    Er is een diep gat in het trottoir.
    Ik val erin.
    Ik ben verloren……ik ben radeloos.
    Het is mijn verantwoordelijkheid niet.
    Het duurt eeuwig om een uitweg te vinden.

    2)     Ik loop door dezelfde straat.
    Er is een diep gat in het trottoir.
    Ik doe of ik het niet zie.
    Ik val er weer in.
    Ik kan niet geloven dat ik op dezelfde plek ben.
    Maar het is niet mijn verantwoordelijkheid.
    Het duurt nog lang voor ik er uit ben.

    3)     Ik loop door dezelfde straat.
    Er is een diep gat in het trottoir.
    Ik zie dat het er is .
    Ik val er weer in …. Het is een gewoonte.
    Mijn ogen zijn open.
    Ik weet waar ik ben.
    Het is mijn verantwoordelijkheid.
    Ik kom er direct  uit.

    4)     Ik loop door dezelfde straat.
    Er is een diep gat in het trottoir.
    Ik loop er omheen.

    5)   Ik loop door een andere straat.