• | | | |

    Verlaat verdriet uiten in je moedertaal

    Verlaat Verdriet-ers die bij mij deelnemen aan de basisworkshop Verlaat Verdriet of de basisworkshop Dubbel Ouderverlies komen van alle windstreken in Nederland. Van Noord naar Zuid. Van West naar Oost. Maar ook uit landen buiten Nederland. Meestal zijn dat Verlaat Verdriet-ers die in Nederland zijn opgegroeid, en als volwassene zijn vertrokken naar een buitenland. Ze komen naar mijn workshop om in hun moedertaal te werken aan het vroege verlies van hun ouder(s), en de levenslange impact van dat verlies in hun jeugd.
    Andere Verlaat Verdriet-ers zijn geboren in het buitenland en opgegroeid bij niet Nederlandstalige ouders. Hun moedertaal is dus een andere taal dan het Nederlands.

    Jeugdherinneringen

    Verlaat Verdriet gaat altijd over verlies van je ouder(s) in je kindertijd. Dus ook over jeugdherinneringen.Verlaat Verdriet-ers die zijn geboren in Nederland, en hier zijn opgegroeid komen naar Nederland om bij mij in hun eigen moedertaal – en in hun eigen oorspronkelijke cultuur – te kunnen werken.
    Verlaat Verdriet-ers die niet van origine in Nederland zijn opgegroeid krijgen van mij altijd de ruimte die ze nodig hebben om zich in hun moedertaal te uiten. Met name bij schrijfuitnodigingen. Altijd weer merk ik dat het voor hen belangrijker is die ruimte te krijgen, dan dat ik alles begrijp wat geschreven wordt en gezegd. De uitnodiging om dan alsnog woorden te vinden om in het Nederlands te vertellen wat verteld wil worden geeft altijd een mooie extra dimensie aan het geven van betekenis.
    Een verrijkende en soms hilarische ervaring, ook voor de andere deelnemers. Evenals voor mijzelf als begeleider van de workshops.

    Uitnodiging

    Hulpverleners: geef Verlaat Verdriet-ers de ruimte betekenis te geven aan het vroege verlies van de ouder(s) in de eigen moedertaal.
    Het zal jullie beiden verrijken.

    Lees meer

    Basisworkshop Verlaat Verdriet en basisworkshop Dubbel Ouderverlies

  • | | | | | |

    Wat zal zijn, zal zijn op het pleintje van Codiponte

    Een groot geluk viel ons project op het pleintje van Codiponte ten deel. André, onze co-financier, kwam een jaar geleden ons team versterken. Dankzij hem kon de restauratie van Casa Matilda van start gaan.

    En dan nu de volgende stap: intensivering van de samenwerking met Maartje en Davide in de toekomst. Ons project wordt echt een heel bijzonder project van gastvrijheid op het pleintje van CodiponteCastello. Casa Matilda – Huis voor Levensverhalen – met drie appartementen, een ruime zaal, een aparte ruimte voor lichaamswerk, een SPA. La Rocca, dat plaats biedt voor een restaurantje, een keuken voor kookcursussen van Davide en een appartement. En sinds kort ook het laatste buurhuis van het rijtje dat ruimte biedt voor nog een appartement. Vanzelfsprekende gastvrijheid op een authentiek Toscaans pleintje. Gelegen op de oude muren van wat ooit een trots middeleeuws kasteel is geweest.

    Wat zal zijn, zal zijn

    Che sará, sará ging door m’n hoofd, nadat Maartje André en mij tijdens ons online-overleg vertelde dat Davide en zijzelf graag het beheer willen gaan doen van Casa Matilda. Wat zal zijn, zal zijn. Als eerste de melodie van dit lied – deze canto – uit 1971. En later ook de tekst. De tekst wil ik graag met je delen, zowel in het Italiaans, als in de Nederlandse vertaling die ik voor je heb gemaakt.
    Wat roept deze tekst op bij jou?

    Che sará, sará

    Quand′ero bimba, ingenua ancor
    Chiesi alla mamma:
    “Che mai farò
    Quando più grande diventerò?”
    Lei mi rispose allor:

    “Che sará, sará
    E ciò che succederà
    Nessuno saper potrà
    Che sará, sará
    E nessun lo sa”

    Un giorno alfin mi innamorai
    Ed al mio amore
    Io domandai:
    “Saran felici i nostri cuor?”
    Lui mi rispose allor:
    “Che sará, sará
    E ciò che succederà
    Nessuno saper potrà
    Che sará, sará
    E nessun lo sa”

    Oggi il mio bimbo, che tesor
    Mi chiede sempre:
    “Cosa farò
    Quando più grande diventerò?”
    Rispondo allor, “Non so

    Che sará, sará
    E ciò che succederà
    Nessuno saper potrà
    Che sará, sará”
    E nessun lo sa
    Che sará, sará

    Wat zal zijn, zal zijn

    Toen ik nog een kind was, en nog onwetend,
    Vroeg ik aan mijn moeder
    ‘Wat zal ik ooit doen
    Wanneer ik groter ben geworden?’
    Ze antwoordde me toen:

    ‘Wat zal zijn, zal zijn
    En wat zal gaan gebeuren
    Niemand die het kan weten
    Wat zal zijn, zal zijn
    En niemand die het al kan weten.’

    Op een dag werd ik eindelijk verliefd
    En mijn geliefde vroeg ik
    Zullen onze harten gelukkig zijn?’
    Toen antwoordde hij me:

    ‘Wat zal zijn, zal zijn
    En wat zal gaan gebeuren
    Niemand die het al kan weten
    Wat zal zijn, zal zijn
    En wat zal gaan gebeuren
    Niemand die het al kan weten.
    Wat zal zijn, zal zijn
    En niemand die het al kan weten.’

    Vandaag de dag vraagt mijn kindje, die grote schat, altijd aan mij
    ‘Wat zal ik doen als ik groter ben?’
    Dan antwoord ik altijd: ‘Dat weet ik niet.
    Wat zal zijn, zal zijn.  
    En niemand die het al kan weten
    Wat zal zijn, zal zijn
    En niemand die het al weet.
    Wat zal zijn, zal zijn.’

    Lees meer

  • | | | |

    Interview met Monique van de Ven in Volkskrant Magazine

    Monique van de Ven (2018)

    Monique van de Ven

    Mijn eerste rol speelde ik toen ik vijf was, om mijn moeder gelukkig te maken.

    Naar aanleiding van de film over haar leven: Een vrouw als Monique in Volkskrant Magazine van 23 augustus 2025 een uitgebreid interview met Monique van de Ven, (1952, vijf jaar toen ze haar vader verloor.

    In de eindshot zit je met een glimlach in de zon, alsof er een last van je is afgevallen

    ……. Dat is ook zo. Het ruimt op. Zeker de dingen die ik nooit had verteld of emoties die onverwacht naar boven kwamen. Er zit een scène in waarin ik vertel over mijn vader, wat ik niet vaak heb gedaan. Hij stierf toen ik 5 was. Hij kwam met lunch thuis, zei: ‘Ik voel me niet lekker’ en ging naar boven. Mijn moeder ging kijken en vroeg: ‘Zal ik de dokter bellen?’ ‘Nee, nee.’ zei hij. Maar haar jongste zusje die verpleegster was en toevallig bij ons logeerde, belde toch de dokter. Die kwam en zei: ‘Ik vertrouw het niet, ik kom over een uurtje terug.’ Toen was mijn vader dood.

    Het was een hete zomerdag in juni. Daarom moest hij op dezelfde dag worden begraven. Ineens lag hij in een kist met een glazen deksel in onze speelkamer. Voor mij was het net een sprookje, ik kon in de kist kijken en daar lag mijn vader. Hij was de zoon van de burgemeester en bekend in het dorp, er kwamen waanzinnig veel mensen. Mijn moeder zei dat ik niet met haar en mijn broer en zus vooraan in de begrafenisstoet mocht lopen. Ze was bang dat ik misschien gek ging doen, ik was tenslotte 5, mijn broer en zus waren 8 en 9. Ik moest ergens achteraan lopen, met het kindermeisje Thea. Dat heb ik mijn moeder later zo kwalijk genomen……..

    Wat heb je daardoor gemist?

    ……… Het gevoel dat ik erbij hoorde. Toen ik dit verhaal vertelde, kwamen mijn emoties steeds naar boven. O ja, die woede zit er nog steeds, dacht ik. Gek hè?…….

    Toch noemde ze jou en je zus na het overlijden van jullie vader troostmeisjes

    ……… Ja. Mijn broertje werd naar kostschool gestuurd en mijn zusje en ik kregen de taak om haar troostmeisjes te zijn. Mijn eerste rol speelde ik toen ik 5 was, om mijn moeder gelukkig te maken. Daarna besloot ik om actrice te worden. Dat extraverte heb ik mezelf aangeleerd. Mijn moeder was slecht in het uiten van haar emoties, dus ik ging letterlijk op haar schoot zitten, haar huggen en haar warmte zijn, zodat ze wel iets moest voelen. Dat verzorgende zit heel erg in me, dat is het kussentje achter je rug…….

    Lezen

     

  • | | | |

    Interview met Monique van de Ven in Volkskrant Magazine

    Monique van de Ven (2018)

    Monique van de Ven

    Mijn eerste rol speelde ik toen ik vijf was, om mijn moeder gelukkig te maken.

    Naar aanleiding van de film over haar leven: Een vrouw als Monique in Volkskrant Magazine van 23 augustus 2025 een uitgebreid interview met Monique van de Ven, (1952, vijf jaar toen ze haar vader verloor.

    In de eindshot zit je met een glimlach in de zon, alsof er een last van je is afgevallen

    ……. Dat is ook zo. Het ruimt op. Zeker de dingen die ik nooit had verteld of emoties die onverwacht naar boven kwamen. Er zit een scène in waarin ik vertel over mijn vader, wat ik niet vaak heb gedaan. Hij stierf toen ik 5 was. Hij kwam met lunch thuis, zei: ‘Ik voel me niet lekker’ en ging naar boven. Mijn moeder ging kijken en vroeg: ‘Zal ik de dokter bellen?’ ‘Nee, nee.’ zei hij. Maar haar jongste zusje die verpleegster was en toevallig bij ons logeerde, belde toch de dokter. Die kwam en zei: ‘Ik vertrouw het niet, ik kom over een uurtje terug.’ Toen was mijn vader dood.

    Het was een hete zomerdag in juni. Daarom moest hij op dezelfde dag worden begraven. Ineens lag hij in een kist met een glazen deksel in onze speelkamer. Voor mij was het net een sprookje, ik kon in de kist kijken en daar lag mijn vader. Hij was de zoon van de burgemeester en bekend in het dorp, er kwamen waanzinnig veel mensen. Mijn moeder zei dat ik niet met haar en mijn broer en zus vooraan in de begrafenisstoet mocht lopen. Ze was bang dat ik misschien gek ging doen, ik was tenslotte 5, mijn broer en zus waren 8 en 9. Ik moest ergens achteraan lopen, met het kindermeisje Thea. Dat heb ik mijn moeder later zo kwalijk genomen……..

    Wat heb je daardoor gemist?

    ……… Het gevoel dat ik erbij hoorde. Toen ik dit verhaal vertelde, kwamen mijn emoties steeds naar boven. O ja, die woede zit er nog steeds, dacht ik. Gek hè?…….

    Toch noemde ze jou en je zus na het overlijden van jullie vader troostmeisjes

    ……… Ja. Mijn broertje werd naar kostschool gestuurd en mijn zusje en ik kregen de taak om haar troostmeisjes te zijn. Mijn eerste rol speelde ik toen ik 5 was, om mijn moeder gelukkig te maken. Daarna besloot ik om actrice te worden. Dat extraverte heb ik mezelf aangeleerd. Mijn moeder was slecht in het uiten van haar emoties, dus ik ging letterlijk op haar schoot zitten, haar huggen en haar warmte zijn, zodat ze wel iets moest voelen. Dat verzorgende zit heel erg in me, dat is het kussentje achter je rug…….

    Lezen