• | | | | | | | | | | | |

    Stapelingen IIIII

    Stapelingen van beschadigingen

    Amor Fati: Leer je lot lief te hebben

    Jong ouderverlies en stapelingen van beschadigingen zijn van alle tijden.
    In mijn site zijn zo’n 200 beroemde wereldburgers opgenomen, die allemaal in hun jeugd een ouder – of beide ouders – hebben verloren door de dood.

    Friedrich Nietzsche – 1844-1900 – is één van hen.
    Nietzsche verloor als kind van vijf zijn vader.
    Hij heeft een ingewikkeld, moeizaam leven gekend. Werd niet ouder dan 55 jaar. Een goede diagnose is nooit gesteld, zo kun je over hem lezen. Mogelijk de diagnose: verlaat verdriet? Gevolgen van jong ouderverlies op de langere termijn?

    Leer je lot lief te hebben

    Van Nietzsche is de volgende bekende quote: Leer je lot lief te hebben (Amor Fati).
    Als je iets weet over het leven van een bekend iemand, gaat zo’n quote toch meer voor je leven. Althans, voor mij wel.
    Zeker als je weet, dat de man die dit schreef een ervaringsgenoot van ons was.

    Edvard Munch

    Het portret bij deze blog is een portret van Nietzsche, geschilderd door Edvard Munch – 1863-1944.
    Vijf jaar toen hij zijn moeder verloor.
    Evenals Nietzsche kende Edvard Munch een ingewikkeld en moeizaam leven. Ook bij hem werd geen goede diagnose gesteld. Ook bij hem mogelijk: verlaat verdriet? Gevolgen van jong ouderverlies?

    Gedicht van Rainer Maria Rilke

    De serie blog’s Stapelingen wil ik voor dit moment graag afsluiten met het prachtige, helende gedicht van Rainer Maria Rilke – 1875-1926 – tijdgenoot van Nietzsche en Munch.

    Men moet de dingen aan de eigen, stille,
    ongestoorde ontwikkeling over laten,
    die diep van binnen komt
    en die zich door niets laat haasten of versnellen;
    eerst volledig rijpen – en daarna baren…

    Rijpen zoals een boom die zijn sapstroom niet stuwt
    en die rustig in de lentestormen staat,
    zonder angst, dat er straks geen  zomer kan komen.

    Die zomer komt toch!
    Maar hij komt alleen bij de geduldigen
    die leven alsof de eeuwigheid voor hen ligt
    zo zorgeloos stil en wijds…

    Men moet geduld hebben
    tegen de onopgeloste zaken in ons hart
    en proberen de vragen zelf lief te hebben,
    als gesloten kamers,
    en als boeken die in een zeer vreemde taal
    geschreven zijn.

    Het komt er op aan alles te leven.
    Als je de vragen leeft,
    dan leef je misschien langzaam maar zeker
    zonder het te merken
    op een goede dag
    het antwoord in.

     

    Stapelingen

     

     

     

     

    Lees ook

    Stapelingen I – beschadigingen die Verlaat Verdriet-ers hebben opgelopen voorafgaand aan de dood van de ouder.
    Stapelingen II – beschadigingen die Verlaat Verdriet-ers in hun jeugd hebben opgelopen als gevolg van de dood van de ouder.
    Stapelingen III – beschadigingen die Verlaat Verdriet-ers hebben hebben opgelopen als volwassene, als gevolg van een invloed van buitenaf: ziekte.
    Stapelingen IIII – Dubbel Ouderverlies als jeugdervaring.

     

  • | | | | | |

    R.M.Rilke: Liefdeslied

    Ken je dat? Je weet het ergens wel, maar je gaat niet recht op je doel af. Waarom niet? Mij overkwam dat in de afgelopen dagen weer eens.
    Gisteren schreef ik over de voorstelling Violet, in het papieren theater van Frits Grimmelikhuizen in Deventer ( alle goeie dingen komen ) en mijn zoektocht naar Liefdeslied van Rainer Maria Rilke
    Gezocht op het web. Frits Grimmelikhuizen gemaild met de vraag waar ik het lied dat hij gebruikt in Violet kan vinden (en antwoord gekregen).

    En al die tijd wist ik het eigenlijk wel. Het gedicht staat in het herinneringsboekje aan mijn moeder, dat mijn vader na de dood van mijn moeder (1957) voor mij heeft geschreven. En toch bleef ik elders zoeken, want ik wist het niet zeker dat deze tekst er in zou staan.

    Vanochtend heb ik het boekje eindelijk erbij gepakt en nu weet ik het wel. Mijn vader heeft Liebeslied  in het herinneringsboekje geschreven. Rilke was één van de lievelingsdichters van mijn beide ouders. Stapels Rilkes heb ik geërfd, en allemaal heb ik ze in het verleden weggedaan. Nooit heb ik iets met Rilke willen doen (behalve weg doen dan). Maar nu komt hij ineens – zomaar, maar opnieuw – binnen in mijn leven.
    En hij is welkom!

    Liebes-lied

    Wie soll ich meine Seele halten, daß
    sie nicht an deine rührt? Wie soll ich sie
    hinheben über dich zu anderm Dingen?
    Ach gerne möcht ich sie bei irgendwas
    Verlorenem im Dunkel unterbringen
    an einer fremden stillen Stelle, die
    nicht weiterschwingt, wenn deine Tiefen schwingen.
    Doch alles, was uns anrührt, dich und mich,
    nimmt uns zusammen wie ein Bogenstrich,
    der aus zwei Saiten eine Stimme zieht.
    Auf welches instrument sind wir gespannt?
    Und welcher Geiger hat uns in der Hand?
    O süßes Lied.

     

    Liefdes-lied

     Waar moet ik toch mijn ziel bewaren dat
    zij niet langs de jouwe strijkt? Hoe draag ik haar
    over jou heen en weer naar andere dingen?
    Hoe graag niet liet ik haar in iets verzinken,
    bracht ik haar onder ergens in de nacht,
    verloren in een vreemde stilte waar
    niets verdertrilt wanneer je dieptes klinken.
    Maar alles wat ons aanraakt, jou en mij
    beroert ons samen als een strijkstok die
    twee snaren tot één melodie gebiedt.
    Op wat voor instrument zijn wij gestemd?
    En welke hand heeft ons omklemd?
    O teder lied.

     

    Rainer Maria Rilke
    Neuen Gedichte, 1907
    Vertaald door Menno Wigman, 1996, Uitgeverij Bert bakker, Amsterdam