Bijnierwerking (3)

Boek

Via een workshopdeelnemer kreeg ik de tip voor het boek Bijnieruitputting. Citaat uit dit boek:

De bijnieren hebben ook invloed op de mentale staat. Als gevolg daarvan tonen mensen met bijnieruitputting een neiging tot toename van angsten, gevoelens van beklemming en depressie, hebben ze perioden van verwarring, meer moeite met concentreren en kunnen ze minder goed herinneringen ophalen. Ze hebben vaak minder tolerantievermogen dan ze normaliter zouden hebben en zijn sneller gefrustreerd. Wanneer de bijnieren niet de juiste hoeveelheden hormonen afscheiden, is slapeloosheid ook één van de waarschijnlijke gevolgen. Als hun conditie verslechtert, wordt de basis gelegd voor andere, ogenschijnlijk ongerelateerde aandoeningen zoals frequente luchtweginfecties, allergieën, rinitis, astma, frequente verkoudheden en een aantal andere gezondheidsproblemen zoals fibromyalgie, chronische vermoeidheidssyndroom, hypoglykemie, type II diabetes, auto-immuunaandoeningen en alcoholisme gelegd. Deze mensen kunnen in de ogen van vrienden en familie lui en ongemotiveerd lijken of hun ambitie lijken te hebben verloren, terwijl in werkelijkheid totaal het tegenovergestelde waar is – ze zijn gedwongen zichzelf veel harder te stimuleren dan mensen met een gezonde bijnierfunctie alleen al om dagelijkse taken te volbrengen.

Tip

In het boek wordt nadrukkelijk geschreven dat de reguliere geneeskunde weinig op heeft met de invloed van de werking van de bijnieren op je algehele welbevinden. Artsen, die eventueel bereid zijn een test te laten uitvoeren op het functioneren van de bijnieren, laten vrijwel altijd bloedtesten uitvoeren. Volgens de schrijver van het boek Bijnieruitputting werkt de bloedtest niet adequaat om de werking van de bijnierschors in beeld te brengen, met als gevolg dat er vrijwel nooit iets aan de hand lijkt te zijn. Om een adequate of niet adequate werking van de bijnieren in beeld te krijgen, dient een speekseltest afgenomen te worden.

Meer leestips vind je in Bibliotherapie.

 

Affirmaties

23 december 2012

Zojuist vond ik in een notitieboekje twee affirmaties om de nieren te versterken:

  1. Uit elke ervaring komt iets goeds voort.
  2. Het is veilig op te groeien.

Bijnierwerking (2)

In april 2012 schrijf ik in de FunaleNieuws nieuwsbrief over bijnierschorswerking. In reactie daarop ontving ik de volgende brief:

Nou zat ik vanmiddag jouw nieuwsbrief te lezen en mijn mond valt open, eindelijk iemand die het over de bijnieren heeft en wat daar bij komt kijken. Rond mijn 20ste lag ik in het  ziekenhuis en daar was een professor uit Rusland die toen al zei dat mijn bijnierschorshormoon niet goed werkte. Alleen doen artsen met hormonale disbalans erg weinig……

…….. Wat ik terug hoor van fysiotherapeuten is altijd hetzelfde: je herstelfunctie is niet goed. Na vele jaren van dokters zien en dergelijke blijft over: altijd moe, slecht herstel, allergieën, luchtweginfecties, te hoge spierspanning en ga zo maar door………

……..Ook een reden om jou te mailen is het volgende: ik heb al langer het idee dat het disfunctioneren van mijn lijf, en niet alleen het mijne, toch wel sterk te maken heeft met het verlies van mijn (onze) moeder. Ook al heb ik het verwerkt, toch denk ik, ervaar ik, dat er in mijn lijf zoveel fysieke stress zit, dat het haast wel zo moet zijn dat er niet alleen een emotionele wissel getrokken wordt door trauma’s van verlies maar ook een fysieke, vooral als je je ouder hebt verloren op hele jonge leeftijd. Ooit in therapie heb ik gevraagd naar lijfelijke herinnering en of dat bestaat omdat ik het voel in mijn lijf. Ik reageer op sommige dingen nog bijna eerder fysiek dan mentaal. Daar werd bevestigend op geantwoord, daar was onderzoek naar gedaan. Voor mij was het vanaf dat moment heel duidelijk dat er een fysieke link moest zijn naar het verleden………

……..Tot op heden ben ik er verder weinig mee opgeschoten, de hormonale afwijkingen worden wel erkend evenals de slechte herstelfunctie, maar verder wordt er niets mee gedaan. Vaak heb ik gedacht : hou ik mezelf nou toch voor de gek en heb ik het overlijden van mijn moeder niet verwerkt? Maar dat geloof ik niet. Ik weet waar mijn punten liggen, ik
weet dat het af en toe nog tranen geeft en dat is goed. Dus opnieuw weer in therapie gaan heeft geen zin, maar jouw nieuwsbrief is voor mij een grote bevestiging over hoe het zit en dat de medische kant hier niets mee doet of te weinig………

……….Volgens mij kun je emotioneel heel veel verwerken, maar kan je lijf toch schade oplopen die zich niet herstelt omdat daar geen of weinig zicht op de gehele problematiek is. Ik heb vaak gedacht: we doen aan symtoombestrijding maar niets aan de oorzaak. Wel een ‘antibiotica’, maar niet naar het totaalplaatje kijken……….*


* Met toestemming van de auteur geplaatst op deze website

Bijnierwerking (1)

In Funale Nieuwsbrief van april 2012 schreef ik over één van de opvallende fysieke aspecten het volgende:

‘Er zit een sterke hormonale disbalans in je’ kreeg ik in 1996 na borstkanker I te horen bij mijn bezoek aan een natuurgenezer. Ik was moe en bleef moe en wilde daar toen graag iets aan doen. ‘Die disbalans zit er waarschijnlijk al sinds je ongesteld bent geworden’ vulde hij nog aan. Deze mededeling was destijds voor mij vooral aanleiding
voor tranen – ‘als ik toen een moeder had gehad, had zij dat vast wel opgemerkt’ – maar verder deed ik er niet zo heel veel mee. Jaren later werd ik opnieuw ‘doorgemeten’, deze keer door een chiropraktor. ‘Je bijnierschors functioneert niet naar behoren’ kreeg ik deze keer te horen. ‘Ik hoop dat ik je kan helpen’. Mijn bezoekjes aan hem stopten in 2009 abrupt op het moment dat in het ziekenhuis borstkanker II werd geconstateerd. Toch liet zijn opmerking me niet los. ‘Waar reageert mijn lijf toch elke keer weer zo extreem op?’ vroeg ik me een aantal weken geleden af, toen dat weer eens in volle hevigheid gebeurde. Is dat op onzekerheid? Op aanpas-stress? Op gevoelens van onveiligheid? Nee, dat is het niet. Zo sterk zijn die gevoelens allang niet meer. Er is in de afgelopen jaren in mijn leven genoeg gepasseerd om dat te kunnen weten. Ineens drong tot me door wat er aan de hand was. Mijn lijf reageert zo extreem op gevoelens van machteloosheid. Gevoelens van onmacht roepen deze sterke reacties bij me op. En daar zit ook de connectie met de werking van mijn bijnieren, realiseerde ik me meteen. Daarmee opende zich een
nieuwe invalshoek, niet alleen voor mijzelf maar ook voor Verlaat Verdriet en verlate rouw. Tijdens de workshop van afgelopen februari vertelde ik over mijn nieuwe ‘bijnierschors-inzichten’. Kort daarop mailde één van de deelnemers me de titel van een boek over Bijnieruitputting. Ik heb het boek gelezen en er veel in herkend. Heel veel zelfs.
Het is, wat mij betreft, te vroeg om meer algemene conclusies te trekken over mogelijke connecties tussen Verlaat Verdriet en bijnieruitputting, maar als tip zeker de moeite waard om aan je door te geven. Dat doe ik vanaf deze plaats graag – wellicht brengt deze invalshoek ook jou nieuwe inzichten.

Toegestuurde link

http://energiekevrouwenacademie.nl/bijnieruitputting-wat-iedere-vermoeide-vrouw-moet-weten/

Verwerkdwang

Tot ver in de 20e eeuw waren mensen de veronderstelling toegedaan dat kinderen niet konden rouwen. Kinderen werden niet als nabestaanden gezien, ook niet als ze een ouder verloren door overlijden. Ze werden niet bij de dood betrokken – noch bij de aanloop naar het overlijden, noch bij de uitvaart. In veel gevallen werd er nooit meer over de ouder gesproken. Het grote zwijgen was begonnen.

In de tachtiger jaren kwam daar verandering in. Er werd geschreven over kinderen en rouw, en hoe kinderen die een verlies hadden geleden het beste kunnen worden geholpen. Kinderen kunnen wel rouwen, is sinds die tijd de boodschap. Net als volwassenen krijgen ze in onze tijd de boodschap dat een verlies verwerkt moet worden, dat je je moet leren aanpassen aan de nieuwe situatie, dat je het verlies achter je moet laten en dat je verder moet gaan met je leven. Talloze boeken en boekjes zijn sinds die tijd verschenen over kinderen en rouw. Maar hoe ziet de werkelijkheid er uit? Is al die hulp er echt voor kinderen? Hoeveel kennis is er over de werkelijke gevolgen van het verlies van een ouder als je nog volop in ontwikkeling bent – behalve bij ons Verlaat Verdriet-ers? En daar wringt voor mijn gevoel de schoen.

In plaats van zwijgplicht is de verwerkplicht gekomen. Konden wij nog zeggen: er werd niet meer over gepraat – (jong) volwassenen van nu kunnen dat niet meer zeggen. Het idee dat het allemaal veel beter gaat tegenwoordig overheerst het algemene denken. Het gaat nu allemaal veel beter, er is veel meer aandacht voor kinderen en rouw en daarom hoeven ze er dus later geen problemen meer mee te hebben. En wat kunnen die kinderen die nu volwassen zijn geworden nog zeggen? Ze hebben de kans gehad. Als ze nu nog problemen hebben, dan is dat aan henzelf te wijten. Zij hebben het niet goed gedaan. Zij hebben gefaald. Zij zijn de losers. En ze houden liever hun mond, met alle gevolgen van dien.

Uiteindelijk zijn we dus van zwijgplicht via verwerkplicht bij zelfopgelegd zwijgen terechtgekomen en het grote zwijgen over de gevolgen van de vroege dood van een ouder wordt – ondanks alle goede bedoelingen – gecontinueerd.

Bezinning

Citeren

Wanneer ik het woord Toekomst uitspreek,
vertrekt de eerste lettergreep al naar het verleden.

Wanneer ik het woord Stilte uitspreek,
vernietig ik haar.

Wanneer ik het woord Niets uitspreek,
schep ik iets dat in geen enkel niet-bestaan past.

Wislawa Szymborska, 1923-2012, 13 jaar toen ze haar vader verloor

De Ommekeer

Mijn hoop heet tesjoewa de ommekeer
haar moeder heet berouw en zij huilt
om wat zij heeft aangericht
ze keert zich en loopt
langzaam, voetje voor voetje
de andere kant op.

Ze zegt klein niet nog groter
ze zegt langzaam niet nog sneller
ze zegt zacht niet met geweld
ze produceert niet ze geneest
ze plundert niet ze balanceert
haar moeder heet berouw en zij huilt.

Mijn hoop heet tesjoewa
de ommekeer
en mijn moeders zeggen
er bestaat geen dag en geen uur
voor niemand ter wereld
waarop ommekeer niet mogelijk is.

Dorothee Sölle

Gedicht geplaatst met toestemming van de uitgever: Ten Have

Cassette

Ik vond cassettebandjes in een doos op zolder
en wilde weten of er nog iets moois op stond.
Toen hoorde ik ineens de stem van mijn vader,
alsof de woorden kwamen uit zijn mond.

Hij zong een liedje over edelweiss en alpen;
ik denk dat hij het zomaar zelf verzonnen heeft.
Ik zat verstard en luisterde geschrokken
omdat mijn vader al sinds jaren niet meer leeft.

Tot nu toe had ik enkel maar een boek met foto’s
en ook een envelop waarop zijn handschrift staat.
Ik ben verbaasd dat een cassette heeft onthouden
dat hij ademhaalde, zong en heeft gepraat.

Zijn stem was het eerste dat ik ben vergeten
en toch herken ik hem bij elk gezongen woord.
Het valt me op dat hij een heel klein beetje sliste.
Toch gek, dat heb ik toen hij leefde nooit gehoord.

 

Ted van Lieshout

 

Met toestemming van de auteur geplaatst
Uit: Hou van mij, Leopold 2009

Laatste borstkankerblog 2011

Het is de afgelopen dagen zo prachtig weer geweest. Ik heb veel kunnen schrijven, en ondertussen heb ik ook veel buiten kunnen zijn. Zondag de 16e oktober zou ik naar huis. M’n bootkaartje geeft het aan, maar het weer is te mooi en ik wil m’n blogs afmaken. Ik ga maandag wel naar huis. Hoewel: dinsdag gaat er ook een boot. Die neem ik. Ik gebruik de twee extra dagen om deze blogs af te maken – en dat lukt. Dit is de laatste blog van kanker 2011.

Zwemmen in zee

De eerste schrijfcursus Op verhaal komen is geëindigd. De eerste dagen veel regen en onaantrekkelijk weer om naar buiten te gaan. In de loop van de week is het weer steeds mooier geworden – heerlijk. We hebben samen een mooie en bijzondere week gehad. Wat is er veel gebeurd! Wat zijn deze drie vrouwen veel aangegaan. Wat is het heerlijk om dit te doen! Op de tweede dag is A. naar me toe gekomen. ‘Jij zwemt toch altijd in zee, hoorde ik van Els? Doe je dat nu ook?’ Ik hoef me geen seconde te bedenken. ‘Ja. Ga je mee?’ ‘Ja.’ De volgende ochtend om half negen fietsen we met z’n tweeën naar het strand. Aan de oostkant komt de zon op, aan de westkant staat de maan nog boven de zee. Het is stil, en o zo mooi. We kleden ons uit en duiken de zee in. Koud! Ik ga er snel weer uit, maar al op weg naar huis spreken we af: morgen weer, en overmorgen ook. Onderweg naar huis trakteert de Terschellingse natuur ons nog op een grazende ree. Het kan niet op vanochtend. Ik ben blij met dit zwem-idee van A.. In april dook ik, een week na de operatie, de koude zee in en dat deed me goed. Nu is het half oktober, een half jaar later dus. En weer kan ik de koude zee in duiken.

Vergeetmijnietjes

Terug naar Terschelling. Ik heb er nu drie hapto-sessies opzitten, en het heeft me heel erg goed gedaan. Over het geheel genomen voel ik me goed en tamelijk stabiel. Ik heb me wel zeer gerealiseerd dat het pas een half jaar geleden is dat ik de borstamputatie heb ondergaan. Da’s toch nog tamelijk recent. Het schrijven van de blog’s is een beetje op de achtergrond geraakt. Maar ik wil ze afmaken. Het voelt niet goed om dat halverwege te laten zitten. Daarvoor heeft het schrijven van de blog’s me veel te goed gedaan. Maandag beginnen Els en ik met drie cursisten aan de schrijfcursus Op verhaal komen. Zaterdagavond komt Els, zondagavond verwacht ik Marijke die voor ons komt koken. Het weer is niet zo heel erg goed. Ik kan dus binnen aan de laptop zitten, lezen wat ik heb geschreven en schrijven.

Ik heb een tijdje geleden al bedacht dat ik zo heel erg graag heel veel Vergeetmijnietjes wil zaaien in mijn Teschellingse tuin, zodat in het voorjaar m’n tuintje een grote blauwe vergeetmijnietjeszee is. Steeds als ik er aan denk schuift er een beeld naar voren. Allemaal camping-genoten staan voor m’n tuintje en zeggen: ‘Ach, die ame Titia. Zoveel mooie Vergeetmijnietjes, en nu kan ze het zelf niet meer zien.’ Ik raak dat beeld maar niet kwijt en kan er niet toe komen zaadjes te kopen. Hoezo, kanker 2011 afronden? Nee – het is niet vanzelfsprekend gezond te zijn.